Berichten

‘Wees niet boos!’

De een schreeuwt het, fluistert het,
snikt het, sms’t het,
krast het in tafels,
schrijft het op muren en op spiegels
en met zijn tenen in het zand
en de ander schreeuwt terug, fluistert terug,
snikt terug, sms’t terug,
krast in tafels terug,
schrijft op muren en op spiegels
en met zijn tenen in het zand terug:
‘Ik ben niet boos! Ik ben nooit boos!’

Toon Tellegen. Uit: Wie heeft hier met verf lopen smijten? Querido, 2010.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

Ik wil in een gedicht kunnen plaatsnemen
als in een rijtuig.
Ik wil ‘Vort!’ kunnen zeggen of ‘Ik ben zo ver!’.

De zon moet schijnen
en omstanders moeten blijven staan en naar mij roepen:
‘Met wat voor bestemming rijdt u daar weg?’

Modder moet opspatten
en ik moet door elkaar worden geslingerd als een bejaarde prelaat,
terwijl ik iets grijp om mij aan vast te houden
en terugroep:

‘Een onbekende!’
Toon Tellegen. Uit: Gedichten 1977-1999. Querido, 2000.

Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

Weet je wat, dacht een man
ik ga medelijden hebben met mijzelf,
een medelijden zo groot als een steen,
als een rots, als een wolkenkrabber!
En als ik eenmaal zoveel medelijden heb met mijzelf
dan ga ik mijzelf troosten.

Hij wreef zich in zijn handen,
floot een liedje,
liep door zijn kamer heen en weer.
De zon scheen door de ramen.
Dat ga ik doen, dacht hij,
en hij ging zitten
en boog zijn hoofd.
Toon Tellegen. Uit: Over liefde en over niets anders. Querido, 1999.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.