Berichten

elke keer wanneer
mijn vader een sigaret dood
drukt, denk ik dat ik hem
of haar – dat weet je niet –
hoor piepen van de pijn

ook als mam de
staartjes van de boontjes
snijdt, bloemstelen schuin af
knipt, een ei stukslaat
of pasta kookt
hoor ik duidelijk huilen
doodsnood smeekbedes
gillende paniek – maar
misschien ligt dat aan mij
en ben ik fantaziek

toch gek
want als ik zelf weer
eens klappen krijg
(bloedlip
blauwoog
bibberbeen)
in de pauze, op het plein
waar iedereen me keihard

ziet
hoor ik niemand piepen

Tim Gladdines. Uit: Vijf draken verslagen. Querido’s poëziespektakel 5. Samenstelling Ted van Lieshout. Querido, 2011.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

Als je zelf nergens woont

moet je altijd
als je slapen wil
aanbellen bij mensen die wel
ergens wonen.
Maar als nou niemand open doet
of ze hebben geen logeerbed
en de bank is voor de hond?
Dan moet je buiten
in de regen
in de wind
in de put
zitten huilen op de stoep.
Komt er plots een schrijver langs,
verzint die een verhaal voor jou,
schrijft hij jou een boek cadeau,
een sprook om in te wonen.
Huis van woorden,
dak van taal, lees
maar lang en wees
gelukkig.

Tim Gladdines. Uit: Wie heeft hier met verf lopen smijten? Querido, 2010