Berichten

Als ik nu een draak was kwam er
stoom uit mijn twee oren

sissend schuim droop van mijn schubben
bliksem rolde van mijn tong

donder tolde rond mijn lippen
hete damp sloeg van mijn staart.

Maar ik ben
geen draak. Ik wacht

tot ik jou niet meer wil schroeien
vuur en as op je ga sproeien

smurrie in je haar wil doen
in elk neusgat een citroen, in je bed een schorpioen.

Tot de gloeiende orkaan die
jou aan de kant wil vegen is gezakt naar windkracht negen

tot mijn sneeuwstorm poolwind is, hagel, regenbui,
jij niet sneeuwblind word maar halfslag tranend als van ui.

Ja ik wacht. Tot ik niet meer toe wil slaan.
O wat heb jij een geluk dat draken niet bestaan.
Diet Groothuis. Uit: Vijf draken verslagen.  Querido’s Poëziespektakel. Verzameld door Ted van Lieshout. Meerdere illustratoren. Querido, 2011.
Normaal schrijf ik zelf recensies. Maar dit keer krijgen jullie die van Jaap Friso te lezen. Waarom? Omdat ik er net zo over denk als hij. Dan is het onzin om hetzelfde twee keer op te schrijven. Met dank aan en met toestemming van JaapLeest 
Het poëziespektakel is een fraaie en nuttige catalogus
Honderzesenveertig gedichten geschreven en vijfenveertig tekeningen gemaakt, staat te lezen op de cover het vierde deel van Querido’s Poëziespektakel. Het initiatief van schrijver/dichter/illustrator Ted van Lieshout houdt stand en is inmiddels een soort van catalogus van de Nederlandse kinderpoëzie.
Weinig uitgevers durven nog poëzie uit te geven, of het moet om iemand als Toon Tellegen gaan. In de oogst kinderboeken van de afgelopen maanden ontwaar ik slechts een enkele dichtbundel, waaronder Likmevestje van Elma van Haren. Querido’s Poëziespektakel vervult zeker een leemte maar het moet niet zo zijn dat dichters louter op dit soort verzamelbundels zijn aangewezen. Deze verzameling heeft eerder de functie van een catalogus: kijk eens wat er allemaal voor moois wordt geschreven en getekend, en minder moois ook trouwens. Talenten staan op (Simon van der Geest trapte zijn bekroonde Dissus af in deel 2) en bewezen dichters (Leendert Witvliet, Karel Eykman) bewijzen zich opnieuw. Uitgevers, scholen en andere geinteresseerden kunnen er uit shoppen en er een vervolg aan geven. Met die functie blijft het een uiterst nuttig en bijna noodzakelijk project, niet in de laatste plaats voor dichters en illustratoren zelf.
Zoals in iedere bundel sorteert Van Lieshout de gedichten op thema’s wat vaak verrassende en grappige combinaties oplevert. Het meandert van versen over hondjes, zusjes naar gedichten over verliefdheid en dromen. Er staan in deze bundel relatief veel bijdragen die op het randje van de kinderpoëzie zitten, een grens die uitermate vaag is natuurlijk. Vijf draken verslagen is deels een hommage aan Annie M. G. Schmidt, de titel komt uit haar gedicht De ridder van Vogelenzang en haar schaap Veronica wordt op verschillende manier lof toegedicht.
Zo uitgekristallisseerd als de vorige bloemlezing is deze bundel niet; het spektakel is er een beetje vanaf. Na zoveel gedichten hap je naar adem; door de kwantiteit, de enorme diversiteit aan vormen en thema’s. Het valt niet mee om het koren van het kaf te scheiden en uitschieters kent de bundel dan ook niet echt, al ben ik erg gecharmeerd van dit kleine liefdesgedichtje van Tanneke Wigersma:
Mijn hart is een rood hondje
 dat blaft en bijt misschien.
Maar dat kwispelend rent 
als jij in de buurt bent 
en vooral als jij dichtbij bij me bent.
Gedichten zijn gepubliceerd met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

Geen stap kan ik zetten in dit huis
zonder een woord van mijn ma
Over handdoeken op stapel en op kleur
Over de zin van de mat
Over de kalkaanslag in het bad
Over mijn oksels en hun geur
De vuile sokken onder mijn bed
En de koffie die twee keer
met hetzelfde filter is gezet
Alles moet schoon, recht en fris
Ze controleert mijn tanden, mijn zolen
en als het even kan
de zuurtegraad van mijn spuug als ik slis

Dus toen mijn moeder in de badkamer
zo voor de wasmachine zat
Met een grote stapel vuile was
klaar op de badkamermat
Toen…duwde ik haar erin

Deurtje dicht
Flink heet wassen
en veel wasverzachter
Heel veel wasverzachter moest erbij

Mijn moeder had me moeten zien
zo keurig als ik alles deed
Maar ze was een beetje in de war

toen ze schoon en zacht uit de droger gleed
Tanneke Wigersma. Uit: Vijf draken verslagen. Querido’s Poëziespektakel 4. Samenstelling Ted van Lieshout. Querido, 2011.
Bovenstaand gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

Mijn vader is doodgegaan

Mijn moeder huilt
en gebruikt mijn jurk als zakdoek
Ze belt haar zussen
De een bestelt een kist
De ander bakt een taart
en de dikste graaft een graf onder de appelboom
De zon gaat onder
en komt weer op
De tuin bloeit
en de kip broedt op haar eieren
Mijn ene tante trekt mij een zwarte jurk aan
Mijn andere tante doet me een zwarte strik om
en mijn dikste tante geeft mij een briefje
dat ik voorlezen moet
Iedereen is er
behalve mijn vader
Zijn broers tillen de kist in de kuil
Mijn moeder huilt
en gebruikt mijn jurk als zakdoek
Mijn tantes huilen
en gebruiken elkaars jurk als zakdoek
Mijn ooms gebruiken grote woorden
En dan kom ik
en lees het briefje voor
   Lieve papa
  Niemand was zo lief als jij!
  Je lieve dochter
Iedereen huilt en snikt
Behalve ik
Het zijn mijn woorden niet
En als iedereen slaapt
en alleen ik ben nog wakker
Ga ik onder de appelboom zitten
en lees voor jou, wat jij mij altijd voorlas
Over krekels en hazen
Over monsters en griezels
en dat het allemaal weer goed kwam.

Tanneke Wigersma. Uit: Wie heeft hier met verf lopen smijten. Querido, 2010

Vandaag, morgen en overmorgen herdenken we de doden. Dat heet Allerheiligen en Allerzielen. Elders in de wereld verzorgen mensen graven, zetten lichtjes en bloemen  neer en zingen liedjes voor hun doden. In Nederland  – en België? – steken mensen een kaars aan voor hun geliefden en noemen hun naam hardop. 

Op Allerheiligen, 1 november, herdenkt de rooms-katholieke kerk zijn heiligen. Allerzielen op 2 november is voor de andere gestorvenen. Ook protestantse kerken herdenken de doden. Allerheiligenavond of Halloween, de avond van 31 oktober, was vroeger voorbereidingsavond. Nu is het een verkleedfeest.
In de Iers-Keltische traditie begon het jaar op 1 november, dus 31 oktober was  oudejaarsavond. De oogst was binnen, er was tijd voor een vrije dag, het Keltische nieuwjaar of Samhain.  De Kelten geloofden dat op die dag de geesten van alle gestorvenen van het afgelopen jaar terug kwamen om te proberen een levend lichaam in bezit te nemen voor het komende jaar.  Om de boze geesten  te weren droegen de Kelten maskers. Later vermengden de Keltische tradities zich met Romeinse en christelijke.