Berichten

[…]
Ze opende haar ogen.
‘JIE!’ hoorde ze weer.
Daar, buiten, zat het zwaluwtje dat haar al eerder had gered.
‘Jie,’ piepte het, ‘ik help je wel.’
Jie, die Nayotake no Kaguya-hime werd genoemd, kon weer ademhalen! Ze zei: ‘O vogeltje, o ja, ik heb je hulp nodig!’
Ze opende het grote raam en stak haar arm uit.
Het zwaluwtje vloog weg – niet ver, niet ver. Alsof het haar liet zien waar ze naartoe moest gaan.
Nayotake no Kaguya-hime stapte uit het raam, over de rand van de veranda, tot in de achtertuin.
‘O vogeltje,’ zei ze, en trok haar blauwe jurk recht.
‘Waar ben je, vogeltje?’ […]
Edward van de Vendel. Uit: Het bamboemeisje. Illustraties Mattias De Leeuw. Querido, 2021.
Het predikaat ‘graphic novel’ klinkt trendy en is correct maar doet dit boek ook te weinig recht. Het verhaal is namelijk ook een sprookje, over liefde, en trouw, van 250 pagina’s lang in de fijnste, zachtzinnigste woorden die onze taal kent, en  de liefste, sprekendste beelden die je maar kunt oproepen, gelardeerd met geraffineerde, veelal groene en blauwe, waterverfprenten die aan kalligrafie doen denken.
Edward van de Vendel vertelt het verhaal van het mooie, kleine meisje tussen de bamboe op meesterlijke wijze in korte, herhalende zinnen met af en toe rijm, waarin het wonderlijke verhaal prachtig kan openbloeien. Mattias De Leeuw voegt zijn prenten moeiteloos in, in een sfeervolle, zachte beeldentaal.
Dit is zo’n boek dat maar af en toe eens verschijnt, om te koesteren, om bij je te dragen en om vaak open te slaan.
Leeftijd: 10+

Er is een land
waar de mensen bijna niet spreken.
Het is het land van de grote
woordfabriek.

In dat vreemde land
moet je de woorden kopen
en heel voorzichtig inslikken
om ze dan te kunnen uitspreken.

Sommige woorden zijn onbetaalbaar.
Die dure woorden worden maar zelden gesproken,
en alleen door schatrijke mensen.
In het land van de grote woordfabriek
kost spreken handenvol geld.

Mensen zonder centen zoeken soms
in vuilnisbakken naar weggegooide woorden.
maar tussen al die wegwerpletters zit vooral
veel rommel: roddel en kletskoek
en oudewijvenpraatjes.

Op sommige zonnige dagen dwarrelen er
zomaar woorden door de lucht.
Dan pakken alle kinderen vliegensvlug hun vlindernet
om de loswaaiende woorden te vangen en te proeven.

Als de avond valt en ze aan tafel gaan,
spreken ze plots en tot verwondering van hun ouders,
de lekkere woorden langzaam weer uit.
Agnès de Lestrade. Uit: Het land van de grote woordfabriek. Tekeningen: Valeria Docampo. De Eenhoorn, 2015.
Stel je voor dat je woorden moest kopen. Wat een desolaat land zou dat zijn. In dit sprookjesachtige boekje vangt Florian drie woorden in zijn net voor Siebelle, die hij onuitsprekelijk lief vindt: kersenrood, pannenlapje, stoelendans.  Maar Oscar is er ook, en diens ouders zijn steenrijk…