Berichten

Een vogel viel krakend uit de takken
wolken haperden in de lucht
alles werd wit en leeg
we lagen languit op de grond

opa brak ijspegels uit zijn snor
alles is anders, zei hij
en toch is niets veranderd

behalve dan het licht, zei ik
en ik dacht aan hoe de zomer
nog nooit zo ver was
weggeweest.
Jef Aerts. Uit: Er zit een feest in mij. Querido’s Poëziespektakel 5. Samenstelling Ted van Lieshout, Querido, 2012.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

Als ik nu een draak was kwam er
stoom uit mijn twee oren

sissend schuim droop van mijn schubben
bliksem rolde van mijn tong

donder tolde rond mijn lippen
hete damp sloeg van mijn staart.

Maar ik ben
geen draak. Ik wacht

tot ik jou niet meer wil schroeien
vuur en as op je ga sproeien

smurrie in je haar wil doen
in elk neusgat een citroen, in je bed een schorpioen.

Tot de gloeiende orkaan die
jou aan de kant wil vegen is gezakt naar windkracht negen

tot mijn sneeuwstorm poolwind is, hagel, regenbui,
jij niet sneeuwblind word maar halfslag tranend als van ui.

Ja ik wacht. Tot ik niet meer toe wil slaan.
O wat heb jij een geluk dat draken niet bestaan.
Diet Groothuis. Uit: Vijf draken verslagen.  Querido’s Poëziespektakel. Verzameld door Ted van Lieshout. Meerdere illustratoren. Querido, 2011.
Normaal schrijf ik zelf recensies. Maar dit keer krijgen jullie die van Jaap Friso te lezen. Waarom? Omdat ik er net zo over denk als hij. Dan is het onzin om hetzelfde twee keer op te schrijven. Met dank aan en met toestemming van JaapLeest 
Het poëziespektakel is een fraaie en nuttige catalogus
Honderzesenveertig gedichten geschreven en vijfenveertig tekeningen gemaakt, staat te lezen op de cover het vierde deel van Querido’s Poëziespektakel. Het initiatief van schrijver/dichter/illustrator Ted van Lieshout houdt stand en is inmiddels een soort van catalogus van de Nederlandse kinderpoëzie.
Weinig uitgevers durven nog poëzie uit te geven, of het moet om iemand als Toon Tellegen gaan. In de oogst kinderboeken van de afgelopen maanden ontwaar ik slechts een enkele dichtbundel, waaronder Likmevestje van Elma van Haren. Querido’s Poëziespektakel vervult zeker een leemte maar het moet niet zo zijn dat dichters louter op dit soort verzamelbundels zijn aangewezen. Deze verzameling heeft eerder de functie van een catalogus: kijk eens wat er allemaal voor moois wordt geschreven en getekend, en minder moois ook trouwens. Talenten staan op (Simon van der Geest trapte zijn bekroonde Dissus af in deel 2) en bewezen dichters (Leendert Witvliet, Karel Eykman) bewijzen zich opnieuw. Uitgevers, scholen en andere geinteresseerden kunnen er uit shoppen en er een vervolg aan geven. Met die functie blijft het een uiterst nuttig en bijna noodzakelijk project, niet in de laatste plaats voor dichters en illustratoren zelf.
Zoals in iedere bundel sorteert Van Lieshout de gedichten op thema’s wat vaak verrassende en grappige combinaties oplevert. Het meandert van versen over hondjes, zusjes naar gedichten over verliefdheid en dromen. Er staan in deze bundel relatief veel bijdragen die op het randje van de kinderpoëzie zitten, een grens die uitermate vaag is natuurlijk. Vijf draken verslagen is deels een hommage aan Annie M. G. Schmidt, de titel komt uit haar gedicht De ridder van Vogelenzang en haar schaap Veronica wordt op verschillende manier lof toegedicht.
Zo uitgekristallisseerd als de vorige bloemlezing is deze bundel niet; het spektakel is er een beetje vanaf. Na zoveel gedichten hap je naar adem; door de kwantiteit, de enorme diversiteit aan vormen en thema’s. Het valt niet mee om het koren van het kaf te scheiden en uitschieters kent de bundel dan ook niet echt, al ben ik erg gecharmeerd van dit kleine liefdesgedichtje van Tanneke Wigersma:
Mijn hart is een rood hondje
dat blaft en bijt misschien.
Maar dat kwispelend rent
als jij in de buurt bent
en vooral als jij dichtbij bij me bent.
Gedichten zijn gepubliceerd met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

De blues
Ik doe mijn ogen open
alles is blauw
wie heeft hier
met verf lopen smijten?
Ik spring uit bed
schiet in mijn blauwe broek
knoop mijn blauwe shirt aan
en dan knal ik – boem! – tegen
een blauwe muur!
Blauw is mooi, vind ik
maar als alles blauw is
zie je de deur niet meer
en word je zelf bont en blauw
Dan, een windvlaag
en de andere kleuren
die ergens gevangen zaten
komen vrij
‘Rennen, kleuren’ roep ik, ‘doe het snel!’
en de kleuren doen het snel
zo snel
dat alles door de war raakt
Rood gaat op het gras liggen
zwart springt in de zon
geel zwemt in het water
het wordt een kleurig zootje
en de wereld is
helemaal anders
dan iemand hem ooit
heeft gezien
Gijs van der Hammen. Uit: Wie heeft hier met verf lopen smijten? Samenstelling Ted van Lieshout. Querido, 2010
Dit is alweer het 3e Poeziespektakel, een verzamelbundel van 153 kindergedichten van 76 dichters en tekeningen van 29 illustratoren en het boek wordt elk jaar leuker, beter, mooier, sterker, lijkt het. Jeugdpoëzie was natuurlijk allang geen suffe verzameling moraalrijmpjes meer maar veel lettermensen bleven het behandelen als een –  literair –  stiefkindje. Dat kan niet meer. Dit boek maakt prettig duidelijk dat Nederlandstalige jeugdpoëzie een volwassen literair genre is (geworden) waar geen literator omheen kan. 
De gedichten in de bundel gaan over alles. Zelfs als ze over bekende dingen gaan als boos of verliefd zijn, huisdieren of verhuizen zijn ze verrassend van taal en spannend van beeld. Er zijn gedichten over Doornroosje, de hemel, in kleur dromen, een favoriete spin, gedichten die spelen met vorm en gedichten met voetballers erin.
Oude bekenden als Linda Vogelesang, Koos Meinderts, Johanna Kruit , bekende dichters als Edward van de Vendel, Eva Gerlach en Toon Tellegen en  nieuwkomers als Annet Bremen, Elfie Tromp en Elske Kampen laten je kijken op een manier die altijd net even anders is dan je gewend bent. Ted van Lieshout heeft de gedichten zo op de pagina’s gezet dat ze met elkaar in discussie gaan, elkaar een schop verkopen of juist de lucht in tillen.

Het blijft spijtig dat de illustraties alleen in blauw, zwart en wit zijn. De verschillende tekenstijlen van de illustratoren komen er toch goed uit. Eén kritiekpunt: de belabberde index. Jammer dat je niet gewoon op naam van dichters en tekenaars of op titel kunt zoeken.
Fijn boek, om vaak op te pakken, uit voor te lezen, naast je bed te leggen of mee in de auto te nemen.

Wij zijn gek
omen voor een lek
kere kak
etoe toe.

Die is van slag
room met pis
tachenootjes en koe
k.

De kok krijgt een bed
ankje. Wat een heer
lijke kak
etoe toe.
Mmmmmmmm

et een lepeltje erbij.
Joke van Leeuwen, in Kwam dat zien! Kwam dat zien! Querido’s Poëziespektakel 1, 2008.
Gisteren heeft Joke van Leeuwen de Gouden Ganzenveer 2010 gekregen.