Berichten

Alleen Zacht. Een dag in de flat van Kat

A
Vaak ben ik alleen
een kat die dwaalt in een flat,
maar met de dingen om me heen
beleef ik altijd wat.

bloemen
Een vaas vol kleur
is wat ik op de tafel zie.
Een tuin vol geur
is wat ik ruik. Hatsjie!

[…]
Reine de Pelseneer. Uit: Alleen Zacht. Een dag in de flat van Kat. Illustraties Leen de Pelseneer. De Eenhoorn, 2018.
Een A-B-C-boekje met versjes voor jonge lezers over alledaagse dingen en gebeurtenissen.
Leeftijd: 5+

 

Jij & ik en al het moois om ons heen. Kindergedichten over de natuur

De oude eik
Elke keer, als ik hem zie,
dan zwaait hij al van verre.
De oude eik
in het vergeten
stukje bos.
Met aan z’n voet
het zachte mos.
Ik streel hem
over zijn gekloofde bast,
spreid mijn armen
en houd hem even vast.
Zo praten we weer wat bij.
En als dan weer
de stilte valt,
dan voel ik hem.
En hij voelt,
denk ik, mij.
Willem Wilmink. Uit : Jij & ik en al het moois om ons heen. Samenstelling: Riet Wille. Illustraties Martijn van der Linden. Davidsfonds/Infodok.
Een verzamelbundel kindergedichten over de natuur: die was er nog niet. Terwijl het thema meer dan voor de hand ligt. Kinderen houden van buiten en van dieren, de verpopping van rups naar vlinder is voor hen nog een prachtig wonder en spelen met kastanjes, blaadjes en zand spannender dan met raceauto of barbie.
In hoofdstukken met titels als ‘Zijn bloemen gelukkiger als ze bloeien?’ en ‘Ademt een zee in en uit’? staan gedichten vol parachutebloemen en bomen in hun blootje,  roerend eb en vloed, stervende bergen en vlinders, zwaluwen als noten en bloeiende koeien.
Een keur aan heel verschillende  dichters, oud en jong en  uit verschillende periodes staan in het boek zoals Joke van Leeuwen, Linda Vogelesang, Leendert Witvliet, Erik van Os, Edward van de Vendel en Mies Bouhuys,  Jaap Robben,  Bette Westera en heel veel anderen.
Martijn van der Linden tekende de sfeervolle, soms melancholieke maar evenzovaak grappige beelden erbij. Een bundel om vaak te herlezen en bekijken.

Wit als een wat. Robbert-Jan Henkes

Egeltjes verjaardag
We hadden gespaard
Met zegeltjes
Voor een taart
Voor egeltjes
Verjaardag.

Maar we hadden
Op de kaart
Maar anderhalf zegeltje:
Veel te weinig
Voor een taart
Voor egeltje.

Wat te doen?
‘Kom, niet kniezen,’
Zei de bakker toen,
‘Je kan ook kiezen
Voor een tegeltje.’

Een tegeltje!
Dat is een goed idee!
En dan zetten we er iets op,
Zoveel als we mogen
Voor anderhalf zegeltje!

O wat mooi!
O wat lief!
Zei egeltje
Met in zijn hand
Het tegeltje,
En hij las
Het ene regeltje:
‘Er is er één ja’

En toen riepen we allemaal:
‘Er is er één ja!
Er is er één ja!
Er is er één ja, hoera!’
Robbert-Jan Henkes. Uit: Wit als een wat. Illustraties van Charles Michels. Querido, 2018. 
“Alles begint met een A’ , zo begint deze bundel met gedichten voor kinderen en inderdaad spat het taalplezier van de pagina’s met een enorme variatie aan gedichten als kleine sprookjes, nonsensversjes, taalspelletjes en liedjes, alles in een feestelijk ritme en rijk van klank.
Oké, er staan ook flauwe versjes bij, maar evenzeer ingenieuze gedichten als ‘Komt dat zien’ en  de ‘Paddenconferentie’: “De padden gingen praten/Maar het bleek algauw/Dat iedereen in hoge mate/Heel iets anders wou./’Ik wil een paard’ zei Ruiterpad./’Ik wil een fiets,’ zei Rijwielpad.’Ik wil een zwaard,’ zei Oorlogspad./’En ik wil niets,’ zei Hazepad”.
De gedichten richten zich expliciet op kinderen, maar worden nergens simplistisch of kinderachtig en er staan gerust onbekende woorden als ‘zwerk’ en ‘gespuis’  in het boek.

 

 

 

Pak de dief. Hij steelt mijn letters. De mooiste gedichten van Kinderen & Poëzie 2017-2018

Sorry
Ik hik
Ik zeg: oh sorry
Dat ik hik
Mama zegt:
Hoeft niet hoor
Ik zeg:
Es Oo Er Er Griekse IJ
Dat ik sorry zei.
Eva Thijs. Fiep Westendorpschool, Amsterdam, groep 3. 
Uit: Pak de dief. Hij steelt mijn letters. De mooiste gedichten van Kinderen & Poëzie 2017-2018. Illustraties Academie Minerva Projectbureau/AMP.
Het Poëziepaleis, 2018.
Honderden gedichten stuurden kinderen uit heel Nederland naar Het Poëziepaleis voor de jaarlijkse gedichtenwedstrijd.
De 100 mooiste staan nu in dit leuke boek en er zitten weer veel parels bij. Van kinderen uit midden- en bovenbouw, van groep 3 tot en met groep 8.

Het gedicht hierboven kreeg een ereprijs van de vakjury, die dit jaar bestond uit Hans Hagen, Jelmer Soes, Kate Schlingemann, Linda Vogelesang en Thomas de Veen.

Kinderen die graag gedichten schrijven krijgen vast inspiratie van deze gedichten.
Volgend jaar kunnen ze hun gedichten opnieuw opsturen en wie weet,  misschien komen die ook in een boek.
Dit is het laatste blogbericht vóór de zomerstop. In september  verder. Tot dan!

Droomdag

In vlekken valt nacht
uit elkaar en aarzelend
wordt ochtend zichtbaar

de horizon trekt aan
een lijntje voorzichtig
het hotel uit het zand

De Zeven Uitzichten
genaamd en de kamers
behangen met blauw

je mag komen logeren
wanneer je van uitkijken
en dagdromen houdt.

Bas Rompa. Uit: Kwam dat zien! Kwam dat zien! Querido’s Poëziespektakel 1. Querido, 2008. 

Bovenstaand gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

In bad met Boer Boris

Kletter spetter spat,
wie zit er in het bad?
Boer Boris in zijn blote gat.
Waarom zit Boris in het bad?

Hij heeft een poepje vastgehad
omdat het aan zijn laars vastzat.
Hè bah, wat vies, Boer Boris!
Je weet toch dat dat goor is?
[…]
Ted van Lieshout. Tekeningen Philip Hopman. Gottmer, 2018.
Juist als je denkt dat het duo van Lieshout – Hopman onmogelijk nog iets nieuws kan bedenken voor een vervolg op de succesrijke Boer Boris-serie komen de twee met een onvoorziene verrassing: een plastic badboekje over Boer Boris, met weer zulke grappige, originele gedichten dat ik al lezend een schaterlach niet kan onderdrukken. De rijmen zijn strak van vorm en als altijd prettig inhoudelijk, de tekeningen van al die beesten in het bad subliem. De duizenden fans van Boer Boris zullen hun geluk niet op kunnen met dit boekje.

Ik hoop dat de twee mannen tot het eind der dagen doorgaan met het maken van Boer Borisboeken. Leuker kun je het niet krijgen, voor peuters en kleuters én voor hun ouders.
Leeftijd: 1+

Zo raar

Zoete lieve stekelbes,
ik lust je supergraag.
Je smaakt verrukkelijk, alleen
jouw struiken prikken zo gemeen.
Die houden jou gevangen.

Zoete lieve stekelbes,
ik heb een vreemde vraag.
Wil je in het nieuwe jaar,
speciaal voor mij
– een keertje maar –
in onze appelboom gaan hangen?

Inger Hagerup. Uit: Zo raar. Vertaald door Bette Westera. Illustraties Paul René Gauguin. Gottmer, 2018.
De vrolijke, fantasierijke zingzang gedichten van Inger Hagerup (1905-1985), zeg maar de Noorse Annie M. G. Schmidt, zijn eindelijk vertaald in het Nederlands. Niemand minder dan Bette Westera, meervoudig prijswinnaar voor haar eigen jeugdpöezie, liedjes en versjes, tekende hiervoor.
Westera  is in Nederland eveneens bekend van haar vertalingen van Dr. Seuss, die, leuke bijkomstigheid, door Hagerup in het Noors werd vertaald. Veel van Hagerups gedichten uit ‘Så rart’ zijn tot liedjes gemaakt en worden nog steeds gezongen op Noorse scholen en creches.
Dit boek is een verzamelbundel van drie van Hagerups poëziebundels.  De gedichten gaan over de ongevaarlijk ogende maar pinnige egel ‘die ruige ragebollenboos, dat wandelende speldenkussen’, over een bloeiende erwt met in het geheim vijf kleine erwtjes in haar buik. Een door muizen aangevreten appelboompje dat maar niet dood wenst te gaan en over schoenlapper Lasse uit Kennemerland, ‘ Huisje ‘ Maak dat je wegkomt’  en Huisje ‘Fijn je te zien’ naast elkaar in dezelfde straat.
De gekkige invallen, het evidente taalplezier, en ritme, metrum en rijm zorgen voor heerlijk soepele, muzikale teksten. De sfeervolle vintage illustraties van René Paul Gauguin, inderdaad een kleinzoon van de beroemde schilder, vormen een sterk geheel met de gedichten.
Leeftijd: 3+ – 103.

Ik was veel kleiner dan de stad

Ik was veel kleiner dan de stad
en schrok nog van bedelaars
waar altijd iets niet meer aan zat.
De winkels waren hemelhoog met
witte bergen onderbroeken, waarin
gegraaid werd van het zoeken tot
handen hadden. Ik vergat de weg
die ik niet had geleerd en
liep verkeerd. Een vrouw, gerimpeld
van bestaan, vroeg of ik met haar op
wou gaan, want anders viel zij om.
We liepen samen krom,
als een gezinnetje van zotten.
Zij wist de weg, ik droeg haar oude botten.
Joke van Leeuwen. Uit: Vier manieren om op iemand te wachten. Querido, 2001. 
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

Zilveren Griffel voor Doodgewoon

Als je nou eens niet kon sterven,

zou je dan op zwemles gaan?
Van de hoge duikplank duiken?
Zeilen zonder zwemvest aan?
Op de hoogste bergen klimmen?
Op de smalste richels staan?
Langs de diepste kloven lopen?
Was daar dan nog wel wat aan?
Als je nou eens niet kon sterven,
was vakantie dan nog fijn?
Zou je je nog steeds verheugen
op dat reisje met de trein?
Zou je van het strand genieten?
Van de zee, de zonneschijn?
Van de ijsjes, van de frieten?
Zou je dan gelukkig zijn?
Bette Westera. Uit: Doodgewoon. Illustraties Sylvia Weve. Gottmer, 2014.
Bette Westera wint met dit boek de Zilveren Griffel voor poëzie 2015.  

u uil

overdag knijpt hij een oogje toe
pas diep in de nacht gaat hij op jacht
omdat hij naar een muisje smacht
hij vliegt geruisloos, geen gedoe
of zit of bidt of roept oehoe

hij moet wat rusten voor hij slacht
overdag knijpt hij een oogje toe
een uiltje knappen geeft hem kracht

heerlijk verorbert hij, en hoe!
met huid en haar en/of de vacht
wat niet te verteren is zonder klacht
een braakbal is het ratjetoe
overdag knijpt hij een oogje toe
Saskia de Jong. Uit: De deugende cirkel. Gedichten en knipsels voor kinderen. De Harmonie, 2010.

Wie in real life wil zien waar het gedicht over gaat, kijkt hier naar het Beleef de Lente Bosuil weblog met 2 jongen of Kerkuil weblog met 4 jongen