Berichten

De dwergjes van Tuil woonden op de hei. Het waren er niet twee of vijf, maar wel honderd, een heel dwergenvolk bij elkaar.
Als de hei bloeide riepen ze: ‘Paars, paars, mooi paars!’ en ze knepen de honing uit de paarse bloemetjes, want de dwergjes van Tuil waren dol op honing.
Maar op een dag kwam er een zwerm bijen aanvliegen. Een grote bruin-gele wolk, die zoemde als een motor en die zoemend aan de tak van een knoestige dennenboom bleef hangen.
‘Wat is dat, wat is dat?’ vroeg Kleine Pier van Tuil. Hij was de jongste en vroeg alles twee keer.
‘Dat zijn bijen, dat zijn bijen,’ antwoordde Kromme Dieder van Tuil. Hij antwoordde twee keer, want hij hield van plagen. ‘Nou krijgen we gedonder,’ zei Kromme Dieder.
En zo was het.
[…]
Paul Biegel. Uit: De dwergjes van Tuil. Tekeningen Mies van Hout. Gottmer, 2021.
Het blijft bijzonder om te merken hoe goed, fris en leesbaar de boeken van Paul Biegel na al die jaren nog steeds zijn. Ook deze klassieker,  met losse verhalen over een dwergenvolk op de hei die samen een groot verhaal vormen, is een waar feest om te lezen. Slimme Kleine Pier steelt het hart van elke lezer met zijn dappere, vrolijke acties en wat extra aandacht voor bijen komt in deze tijd, waarin bijen dreigen uit te sterven aan gif en vervuiling, als geroepen.
Top dat uitgeverij Gottmer de boeken van Biegel opnieuw uitgeeft en in een ander jasje.
Leeftijd: 6+

De zee
Het kan de zee niet schelen
of ik lach gehuld in zijde
of snik in een gescheurd rokje.

De zee
stroomt toe
en weer weg
blijft ademen
en razen
en bedaart weer
ondanks alles
wat ik de waterkant
toeschreeuw.

De zee luistert alleen naar zijn eigen stem
en niet naar het lawaai van degenen die hem
de wet willen voorschrijven.

Ik zou willen dat ik meer op de zee leek.
Sarah Crossan. Uit: Toffee. Kluitman, 2019.
Dit is de vierde verzenroman van deze Ierse, veelbekroonde schrijfster, en weer is het raak. In eenvoudige, korte teksten weet Crossan haar personages zo indringend tot leven te brengen dat ze heel dichtbij komen.
Allison, weggelopen van haar gewelddadige vader, zoekt beschutting in een, denkt ze, leegstaand huis. Dat huis is van de dementerende Marla die Allison aanziet voor haar jeugdvriendin Toffee. Allison weet niet waar ze anders heen moet en speelt het spel mee. Allengs komen de twee vrouwen dicht bij elkaar, zorgt Allison voor Marla. Maar Marla ook voor Allison.  Maar haar vader is op zoek naar Allison. En Marla vergeet steeds vaker wie ze is. Hoe redt Allison zich hier uit?
Het onderwerp lijkt niet meteen iets waarover een jongere zou willen lezen. Of een oudere. Toch neemt Crossan je mee in dit ontroerende verhaal, al is haar taal minder poëtisch dan in haar vorige boeken, het citaat hierboven is meteen het meest poëtische stukje van het hele boek. Of ligt het wellicht aan de vertaling, die hier en daar gortdroge teksten?
Leeftijd: 12+

Piemelgevecht
Platwormen
…hebben een heel bijzondere manier om zich voort te planten: ze duelleren met hun piemels.
[…] hebben allebei de ouders een of twee piemels én bevruchtbare eitjes.
Het motto van platwormen is: geen moeder worden! Het is veel gemakkelijker om even gauw zaadcellen af te geven dan om eitjes te produceren en op zoek te moeten naar een geschikte plek om ze te leggen.
Dat lijkt de enige reden te zijn voor dit gevecht, dat wel een uur kan duren.
De wormen maken zich breed, draaien om elkaar heen, ontwijken elkaar behendig en stoten net zo lang tot eindelijk een van de twee zijn puntige piemel in de ander weet te steken. Daarna denkt hij alleen nog maar: gauw wegwezen nu – en veel plezier nog met onze kinderen!
Katharina von der Gathen. Uit: Bij de beesten af. Het liefdesleven van dieren. Illustraties Anke Kuhl. Gottmer, 2018.
Hebben dieren seks? Krijgen spinnen baby’s? Kunnen dieren homo zijn?
Vrijwel elk kind stelt zichzelf dit soort vragen. Dit boek geeft antwoorden, op een feitelijke, grappige en heldere manier.
Wist je bijvoorbeeld dat een kogelvisman het kogelvisvrouwtje zacht in haar kin bijt, nadat hij met zijn vinnen een mooi ribbelpatroon in het zand voor haar heeft gemaakt? Daarna volgt pas de paring.
En dat een molmannetje de vagina van het mollenvrouwtje waarmee hij heeft gepaard met een dikke prop kleverige vloeistof dichtlijmt, zodat het zaad van andere mannetjesmollen niet meer bij de eicellen van dit vrouwtje kunnen komen?
En dat dieren elkaar versieren? Hoe het verder gaat na de paring?
Hoe gaat seks bij olifanten, giraffen, java-apen, wijngaardslakken, bedwantsen, dromedarissen, reuzenpanda’s, mieren en schorpioenen eigenlijk?
Dit boek staat boordevol met heerlijke kennis , opgedeeld in handig kleine tekstblokjes, voorzien van grappige, duidelijke, kleurrijke tekeningen inclusief een handige piemel- en vaginagalerie, van lieveheerstbeestje tot blauwe vinvis.
Aanrader voor ieder kind dat meer wil wetten over het dierenrijk.
Leeftijd 8+

Wat hebben een gele ballon, een camperbusje, de Kameleon met Sietse en Hielke, een reiger, een tuinkabouter en de Nooitlek van de Kleine Kapitein gemeen?
Makkelijk. Ze staan op élke pagina in ‘Nederland’, het fenomenale nieuwste prentenboek van Charlotte Dematons. Prentenboek? Geen gedichten? Nee, maar een boek waarin in optocht het schaap Veronica, Floddertje, Pluk, Jip en Janneke, spin Sebastiaan en Abeltje en Otje voorkomen is dat vergeven.
Dematons, Francaise, die eerder opviel met haar prentenboeken ‘De gele ballon’ en ‘Sinterklaas’,  heeft drie jaar (met eenharig! penseel) getekend aan dit boek. Onze complete canon is erin verwerkt, een stoet aan oude kinderliedjes, veel bekenden uit de Nederlandse jeugdliteratuur (o.a. Nijntje, Ot en Sien, Dik Trom, Flipje, Pipo en Mamaloe, Kruimeltje, Mejuffrouw Muis en Pinkeltje) komen voorbij, een groot deel van onze nationale geschiedenis maar ook Nederland zoals het nu is.

In één oogopslag een moslima met kind op de fiets, een melkboot met koe erin, een struisvogelboerderij, Alkmaarse kaasdragers en een snelle ligfietser: ziedaar een minivoorbeeld van de veellagige platen.
Het boek is één groot kijk- en zoekfeest en je hebt waarschijnlijk weken, zo geen maanden, nodig om alle grappige details en verwijzingen te ontdekken.
Beroemde schilderijen zoals Ezeltje rijden langs het strand van Isaac Israëls, zeeheld Michiel de Ruyter die met zijn schip de Zeven Provinciën de Engelsen verslaat, de Rotterdamse kubus- en potloodwoningen, het huis van Rembrandt van Rijn met hemzelf in de deuropening, onze pretparken tot en met groen uitslaande achtbaanrijders, de Zeeuwse watersnoodramp, oud en nieuw Hollands schaatsplezier en natuurlijk Koningsdag, inclusief Maxima en Willem-Alexander met Hollandse zakloopspelletjes, een kat met een oranje hoed op en alle blijstemmende vrijmarktflauwekul als een ‘Ik word slapend rijk’-bordje bij een kind in een bed.

Dit boek maakt iedereen vrolijk, dat kan niet anders. Dematons tekent Nederland anno 2012 inclusief Nederlanders in alle kleuren en (op bijna elke pagina) vrouwen met hoofddoek. Ze moet ongelooflijk veel plezier hebben gehad tijdens het tekenen. Al onze vaderlandse hobbies en eigenaardigheden zitten erin, al onze nationale uitspattingen (haringen, oliebollen, stroopwafels) tot aan het eerste kievitsei toe.
Veel bedrijven kunnen dit boek als relatiegeschenk gebruiken, maar Gazelle, Union en de Fietsersbond zouden het aan al hun klanten cadeau moeten doen. Want als één ding helder wordt uit ‘Nederland’ is het hoeveel, hoe graag, op alle mogelijke vehikels en bij elk weertype en elke gelegenheid wij Nederlanders fietsen.
Charlotte Dematons. Nederland. Lemniscaat 2012.