Berichten

Bijna alles is al berekend:
de afstand tot Mars en ook tot de maan.
Alles is uitgepluisd, opgelost,
zelfs waar een penaltykeeper
het best kan gaan staan.
We zitten werkelijk nergens meer mee,
behalve dan met een probleem of twee:
a) Waarom landen honden als ze vallen niet net als een kat op hun pootjes?F
b) Wanneer trekken we nu eens vlekkeloos lootjes?

Bijna alles is al berekend:
de omtrek van de aarde en ook van de maan.
Alles is uitgepluisd opgelost,
zelfs wat er eerst was –
het ei of de haan.
We zitten werkelijk nergens meer mee,
behalve dan met een probleem of twee:
a) Waarom bestaan er ruimteschepen, maar geen ruimtebootjes?F
b) Wanneer trekken we nu eens vlekkeloos lootjes?

[…]
Hoe goed we ook puzzelen,
hoe goed we ook husselen,
het gaat altijd, altijd fout.
Want altijd, altijd vouwt
het laatste kind zijn lootje open
en dan zitten wij biddend en smekend te hopen
dat hij in godsnaam niet zichzelf trok –
maar ja hoor, ja hoor,
de klas in shock,
en dan moet het helemaal nog een keer…
Dit gebeurt voortdurend weer,
En dat zou toch beter moeten kunnen gaan?
Tot zover mijn vraag,
groetjes van Maan.
Edward van de Vendel & Ionica Smeets. Uit: Rekenen voor je leven. Tekeningen Floor de Goede. Nieuwezijds, 2021.
Wat gebeurt er als een leerkracht haar leerlingen serieus neemt, het saaie rekenboek (deels) in de hoek gooit en de kinderen zelf elke week een rekenvraag laat bedenken, die met hun eigen leven te maken heeft? Dan blijkt rekenen opeens heel erg handig, relevant, en inzichtgevend te zijn. Precies wat je je leerlingen wilt meegeven.
Op de Rover Hoepsikaschool in het boek is dit exact wat er gebeurt: de kinderen komen stuk voor stuk met prangende rekenvragen waar ze in hun leven tegenaan lopen: Is er iets leuks te verzinnen met rekenen en voetbal? Zijn ijsjes overal en altijd even koud? Hoeveel kalfjes worden er vandaag in Nederland geboren? en Aan welke soort korting heb je iets en aan welke niet?
Van de Vendel maakt zijn reputatie van briljant vernieuwend kinderboekenschrijver/schrijvende ex-leerkracht met dit boek weer meer dan waar en legt niet alleen glashelder het antwoord op de vragen uit, maar geeft elke individuele leerling een eigen gezicht en persoonlijk verhaal, waarin ook meteen duidelijk wordt waarom die vraag voor dat specifieke kind belangrijk is. En passent komen in de verhalen van de kinderen op een speelse en onopvallende manier urgente maatschappelijke thema’s zoals feminisme, vluchtelingen, klimaatproblemen en vlees eten voorbij. In  de verhelderende, vrolijke striptekeningen van FlodeGo krijgen de kinderen, hun verhalen en rekenvragen letterlijk meer kleur, diepte en helderheid.
Meesterlijk boek, dat je serieus elke leerkracht en leerling toewenst.
Leeftijd: 9+
ps. het antwoord op de vraag hierboven? iets met leg de enveloppen met alle namen in een kring en laat alle lootjes een envelop opschuiven en voilà, nooit meer iemand die zichzelf heeft.

Een groene golf, ken je dat? Je zit op de fiets en alle stoplichten springen op groen wanneer jij langsfietst. Je bent precies op het juiste moment gestart met fietsen en je verplaatst je met de perfecte snelheid.
Brandganzen maken natuurlijk geen gebruik van stoplichten, maar ze volgen wel een groene golf.
[…]
Als ze overvliegen zie je mooi de scherpe scheiding tussen hun lichte buik en zwarte hals. Ze maken een kort gakkend geluid, net als een groep keffende hondjes. Ze hebben gebroed in het noorden van Rusland, niet ver van de Noordpool. Het gras is daar nu op en het land verdwijnt onder een dikke laag sneeuw. Daarom komen ze naar Nederland, want hier is voldoende groen gras om de winter door te komen.
Uit: Kwie kwie kwie kwie kwie. Een boek vol vogelverhalen. Camilla Dreef. Illustraties Liset Celie. Uitgeverij Nieuwezijds, 2018.
Vogelverhalen uit eigen ervaring, voor jonge vogelfans: samengevat is dat de missie van dit boek.
Bioloog Camilla Dreef, blijkens de flaptekst bekend als ambassadeur van Vogelbescherming en televisieprogramma’s Binnenstebuiten en In de ban van de condor, neemt haar lezers mee in haar eigen vogelbelevenissen en deelt en passant feiten en weetjes over de vogels met haar lezers.
Prima boek voor wie als beginnend vogelaar luchtige, informatieve verhaaltjes over vogels, hun leefomgeving en hun gewoontes zoekt.
Jammer dat dat in zulke saaie, verbeeldingsarme taal gebeurt. Iets hogere eisen aan de schrijfstijl en een strenge eindredactie hadden veel uitgemaakt.
Ook een wat spannender vormgeving en het opknippen van de lange lappen tekst in kortere fragmenten hadden het boek goed gedaan.
De stripachtige, hippe en kleurige vogeltekeningen, toch heel herkenbaar en bruikbaar, van Liset Celie maken veel goed.
Leeftijd: 8+