Berichten

Het regent, het regent,
de wolken hebben verdriet.
Ze laten hun tranen vallen,
een zakdoek hebben ze niet.

Pestkop, pestkop
zet je rooie hoedje op
trek je blauwe mantel aan
dat we naar de zee toe gaan
honderd passen lopen
honderd passen vliegen
de golven zullen je wiegen
Paul Biegel. Uit: De Nederlandse Kinderpoëzie in 1000 en enige gedichten. Verzameld door Gerrit Komrij. Prometheus, 2007.

Van de hoge, hoge bomen
vallen alle blaadjes neer.
Want de herfst is nu gekomen,
paddenstoelen zijn er weer.

Op de padden-, paddenstoelen
zitten zeven dwergen neer
en ze zingen: O Sneeuwwitje,
kom je van de winter weer?
Koos Meinderts. Uit: De liedjesalmanak. Herfst en Winter. Illustraties Annette Fienieg. Uitgeverij Rubinstein, 2013.
Oude, bekende én nieuwe liedgedichtjes van Koos Meinderts, over de herfst en de winter, voor feestdagen als Dierendag, Sint Maarten, Lucia, Kerst, oudejaarsdag en Driekoningen en voor zomaar die dagen dat de bladeren van de bomen vallen en de appels uit de lucht.
Annette Fienieg vindt zichzelf opnieuw uit met rake, verrassende, poëtische tekeningen. Op de bijgeleverde cd zingen Leine, Peer de Graaf, Thijs en Sofokles Borsten de liedjes op muziek van Thijs Borsten.
Ik kijk nu al uit naar het lente-en zomerboek.

Ik wou dat het altijd zomer was
zomer was
dat we dreven op een luchtbed
dat we zweefden op een wolk.

Ik wou dat het altijd herfst was
zomer herfst was
dat we blauwe bramen plukten
dat we blauwe monden kregen.

Ik wou dat het altijd winter was
zomer herfst winter was
dat we vroren tot we kraakten
dat we schaatsten tot we gloeiden.

Ik wou dat het altijd lente was
zomer herfst winter lente was

dat we renden door de regen
dat we lachten als een liedje.

Ik wou dat het altijd
zomer herfst winter lente was
dat het nooit was afgelopen
dat het weer begon.

Jos van Hest. Uit: Zwemmen met je kleren aan. Scheurkalender Jeugdpoëzie: 1 juni 2011. Samenstelling Karel Eykman en Ineke Holzhaus. Van Gennep, 2010.