Berichten

Arp plantte de hengel in het zand en begon.
‘Ooit, lang geleden, was er geen angst…’
De mensen uit het dorp zochten snel een plaats op het strand. Fiela kroop weer bij Dink op schoot, helemaal vooraan. Oma zat naast Yuna.
‘…ooit, lang geleden, was er geen verlangen. Er was niets om bang voor te zijn. En al helemaal niet op een eiland ver hiervandaan, het eiland van Duzzo de visser.
[…]
In weer en wind, warm of kou,
een visser vist van jong tot oud.
Van vroeg tot laat, op en af,
een visser vist van de wieg tot het graf.
‘Mijn pop heeft al een wieg,’ fluisterde Fiela. ‘Ik wil ook een graf.’
‘Dat krijg je,’ antwoordde oma.
‘Wanneer?’
‘Voorlopig nog niet, hoop ik. Maar je krijgt het, later.’
Hans Hagen. Uit: Yuna’s maan. Illustraties Martijn van der Linden. Muziek Floor Minnaert. Met mp3-cd. Querido, 2016.
Wonderschone poëtische vertelling over de kracht van verhalen. Nog fijner dan zelf lezen is het om te luisteren naar Hans Hagen die op de bijgeleverde m3-cd het verhaal voorleest. Puur en ritmisch. 

Ik zie
honderd kleuren blauw
korenbloem kobalt en pauw
zee azuur en ijs
hemels hel vergeet-mij-niet
ik zie ik zie
wat jij niet ziet
je ogen zijn het mooiste blauw
ik kijk het liefst naar jou

Ik zie
honderd kleuren rood
kersen kreeft koraal pioen
klaproos knal en vermiljoen
bloed tomaat en vuur en biet
ik zie ik zie
wat jij niet ziet
de kleur is rood ik hou van jou
en jij van mij… of niet
Hans en Monique Hagen. Uit: Nooit denk ik aan niets. Tekeningen Charlotte Dematons. Querido, 2015.
Na vorige succesbundels als ‘Jij bent de liefste’ (2000) en ‘Van mij en van jou’ (2007) hebben Hans en Monique Hagen opnieuw een heerlijk boek afgeleverd. Trefzekere poëzie met gedichten voorzichtig als vraagtekens of glimmend als bellenblaas maar soms ook stampend als een kwade mannetjesolifant: is god gemaakt van lucht of van wens? en is er een hemel en waar dan wel?, of ‘Boos’: rode knetter dynamiet/takkenbijter kakkepiet/stekkert kukert slakkensop/de boze bui knalt uit mijn kop/hou op hou op hou op. 
Ritmisch en in (spaarzaam) rijm en ogenschijnlijk eenvoudige maar oh zo muzikale taal worden grote thema’s op filosofische wijze aangesneden: ‘wat is nul en wat is niets/wanneer is ooit wanneer is nooit/en waar is nergens/dat moet ik nog bedenken’.
Maar ook alledaagse dingen komen voorbij, zoals slapeloosheid in het prachtige ‘Lam ram ooi’ waar schapen tellen alleen maar tot verder wakker worden leidt: ‘vijftien twintig/hiphop lam/veertig vijftig/dikzak ram/achtentachtig/honderd ooi/ik raak mijn tel kwijt/door die schapen/ik raak mijn slaap kwijt/in het hooi.’ 
De tekeningen van Charlotte Dematons, bekend van haar Sinterklaasboeken, ‘De gele ballon’ en het sublieme ‘Nederland’ verbeelden de gedichten niet alleen uitzonderlijk goed maar vertellen het daarnaast het verhaal er vlakbij of omheen. Dematons is grootmeester in details, zoals de vlinder die pas op de pagina ná de brandneteltekening met rupsgaatjes bij het gedicht ‘Vlinder’ te zien is. Of de beer die vaak terugkomt in de tekeningen en halverwege het boek een lief eigen gedicht blijkt te hebben, met achterin het boek een onverwachte wending. 
Dematons gaat verder dan in haar eerder genoemde boeken: heldere, sterke, soms van Gogachtige tekeningen wisselt ze af met dromerige pastelplaten en krachtige, bijna propere, beelden. 
Als dit boek geen prijzen gaat winnen, weet ik niet welk boek wel.
Bovenstaand gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

als je achtentachtig wordt
en je spaart vanaf je vierde
al je slaapzand
elke dag een halve gram
dus drie en een halve gram per week
dan veeg je toch maar zo
ruim vijftien kilo uit je ogen.
Hans Hagen. Uit: 27 oktober. Zwemmen met je kleren aan. Scheurkalender voor Jeugdpoëzie. Samenstelling Karel Eykman en Ineke Holzhaus. Van Gennep, 2010.