Berichten

De bouwsteentjes waar elke plant uit opgebouwd is noem je CELLEN. Deze cellen hebben een stevige buitenkant en zijn vanbinnen gevuld met nattigheid. Ze hebben dus wel wat van een blikje cola. En ook bij een cel gaat het om de inhoud: dat natte spul is het echte leven. Dieren zijn ook opgebouwd uit cellen, maar die hebben een soepel vlies rond de levende nattigheid. Dierencellen lijken dus meer op waterballonnen dan op colablikjes. De wand van plantencellen is natuurlijk niet van blik. Waarvan wel? Van CELLULOSE: hetzelfde spul als waar papier en karton van gemaakt zijn.
[…]
Leven na de dood

Elke plant stopt zich tijdens zijn leven vol met zonne-energie en die zit er nog steeds in als hij dood is. Wordt een plant opgegeten door een dier, dan kan die planteneter op die energie teren.
[…]
Geert-Jan Roebers. Uit: Briljant planten. Over knappe koppen, boze bollen en ander geniaal groen. Tekeningen Margot Westermann. Gottmer, 2022.  
Een aansprekend en uitnodigend boek over planten schrijven voor kinderen: ga er maar aan staan. Pluizige dieren doen het altijd goed in een kinderboek, maar planten is een ander verhaal. En toch lukt het Geert-Jan Roebers op een wonderbaarlijk meeslepende manier om planten heel dichtbij de lezer te brengen, op een onbekommerde, vrolijke en informatieve toon.
Alles wordt uitgelegd: hoe planten drinken, plassen en seks hebben, hoe ze luisteren, voelen en praten (! ) en hoe de verschillende planten zich voortbewegen. Alles met handige tekeningen  of een kleurrijk schilderij toegelicht, soms paginagroot. Hier en daar oogt een pagina daardoor wat chaotisch, maar de vrolijkheid overheerst. En de verbazingwekkende hoeveel leuke weetjes over planten ook.
Leeftijd: 6+

[…]
Ze opende haar ogen.
‘JIE!’ hoorde ze weer.
Daar, buiten, zat het zwaluwtje dat haar al eerder had gered.
‘Jie,’ piepte het, ‘ik help je wel.’
Jie, die Nayotake no Kaguya-hime werd genoemd, kon weer ademhalen! Ze zei: ‘O vogeltje, o ja, ik heb je hulp nodig!’
Ze opende het grote raam en stak haar arm uit.
Het zwaluwtje vloog weg – niet ver, niet ver. Alsof het haar liet zien waar ze naartoe moest gaan.
Nayotake no Kaguya-hime stapte uit het raam, over de rand van de veranda, tot in de achtertuin.
‘O vogeltje,’ zei ze, en trok haar blauwe jurk recht.
‘Waar ben je, vogeltje?’ […]
Edward van de Vendel. Uit: Het bamboemeisje. Illustraties Mattias De Leeuw. Querido, 2021.
Het predikaat ‘graphic novel’ klinkt trendy en is correct maar doet dit boek ook te weinig recht. Het verhaal is namelijk ook een sprookje, over liefde, en trouw, van 250 pagina’s lang in de fijnste, zachtzinnigste woorden die onze taal kent, en  de liefste, sprekendste beelden die je maar kunt oproepen, gelardeerd met geraffineerde, veelal groene en blauwe, waterverfprenten die aan kalligrafie doen denken.
Edward van de Vendel vertelt het verhaal van het mooie, kleine meisje tussen de bamboe op meesterlijke wijze in korte, herhalende zinnen met af en toe rijm, waarin het wonderlijke verhaal prachtig kan openbloeien. Mattias De Leeuw voegt zijn prenten moeiteloos in, in een sfeervolle, zachte beeldentaal.
Dit is zo’n boek dat maar af en toe eens verschijnt, om te koesteren, om bij je te dragen en om vaak open te slaan.
Leeftijd: 10+

We zaten in de trein, mijn vader en ik,
de trein die stond nog stil in het station.
We hadden vijf minuten voordat hij vertrekken zou,
wezen de wijzers op de klok van het perron.
Ik stapte uit voor wijn, voor wijn en een stuk brood,
en toen ik buiten stond zag ik dat iedere deur zich sloot.
De trein vertrok, ik rende mee: Blijf bij me, vader! Wacht!
Maar ik verloor en ik verloor mijn vader in de nacht.

We zwommen in de zee, mijn vader en ik,
hij was veel jonger dan de man die ik nu ben.
We zwommen als dolfijnen naar de bodem en terug
en naar de sterren sprong ik op, samen met hem.
Mijn vader greep mij vast, hij trok mij met zich mee,
hij was zo sterk, hij trok me naar de bodem van de zee.
Ik stikte haast, ik worstelde, ik vocht uit alle macht
en ik kwam los en ik verloor mijn vader in de nacht.

We gingen door de bergen, mijn vader en ik,
ik was negen jaar, we liepen hand in hand.
Hij zong van liefde en van offers en toen gleed hij uit,
hij greep mijn voet en ik gleed mee, ik greep de rand.
Mijn vader hing aan mij, boven een peilloos diep ravijn,
hij was zo zwaar, ik hield van hem, en alles deed me pijn.
Ik hang daar nog, altijd, maar als de laatste droom begint
draagt hij mij door het zonlicht als een pasgeboren kind.
Sjoerd Kuyper. Uit: September. Nieuw Amsterdam, 2009.

Speciaal bericht voor meesters en juffen: gaan je leerlingen van school en wil je ze iets bijzonders meegeven? Voor leerlingen die de grote stap gaan zetten van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs heeft Sjoerd Kuyper de bundel “Groen” samengesteld. Zijn mooiste gedichten in één bundel. Het boek is niet in de boekhandel te koop en kost E 5,-. Op http://www.afscheidsboek.nl/index.html vind je alle info en kun je vast een kijkje in boek nemen.