Berichten

witte panters
witte panters
met
bruine vleugels
vliegen
boven het bos

witte panters
met
bruine vleugels
landen
in de boom

witte panters
met
bruine vleugels
hebben
hoogtevrees
Brecht Mulder, groep 3

[…]

Buitenspelen
Mijn vrienden
Soms net de Etna
Vuurspuwen uit de vulkaanmond
Stoom uit de oorkrater
Knetterend vuur van woede
Gloeiende lavastroom van woorden
We koelen af
We luisteren
We praten
Lava wordt vruchtbaar gesteente
Jens Weermaes, groep 7
Uit: Ga je mee in mijn gedachtenzee? De mooiste gedichten van Kinderen & Poëzie 2021-2022, 31e editie. Illustraties Noorderpoort Kunst & Media. Stichting Poëziepaleis, 2022. 
Een van de mooiste initiatieven op poëziegebied is toch nog steeds de jaarlijkse gedichtenwedstrijd van Kinderen & Poëzie. Aangespoord door het magische vooruitzicht misschien met hun gedicht in een heuse dichtbundel te komen, gaan kinderen  uit groep 3 tot en met 8 in heel Nederland en ook in België met hun leerkrachten aan de slag met taal en  verbeelding, fantasie, metaforen, rijm en ritme. Dat levert geweldige gedichten op, zoals hierboven. In de bundel staan 80 van dit soort mooie gedichten, treffend geïllustreerd door kunst- en mediastudenten uit Groningen.
Leeftijd 6+

Voicemail
Ik ben op dit moment niet in de gelegenheid
gelukkig te zijn. Probeer het later nog eens.

Of spreek een schouderklopje in, zing
een liedje over lammetjes met een lange lente
voor zich, maak me warm voor de zon
aan een met jou overgoten strand, wijs me
op de ideale openingstijden van je
lievelingsgedicht. En/en/en/en
is ook mogelijk.

Wacht af. Met wat geluk
bel ik terug.
Erik van Os. Tekeningen Jan Jutte. Querido, 2022.
Erik van Os leeft zich uit in deze kloeke bundel van ruim 50 gedichten, waarvan sommigen ook als liedje op Spotify te beluisteren zijn. Het ‘ik-personage’ in de gedichten heeft niet de leukste jeugd, getuige bijv. het gedicht Oorlog aan tafel dat begint met de regels ‘Mijn vader werpt woorden/als bommen over mijn moeder’ of het gedicht Wat is er veel dat zeer doet.  Op luchthartige, vaak wrange toon schetst van Os een leven vol voetangels en klemmen, valse vrienden en neuspeuterende mooie meisjes in de trein ‘(En het nog opeet ook.)’ en ook al snijdt hij pittige thema’s aan, de toon blijft licht en spottend of juist grappig en relativerend.  Jongeren zullen zich vaak herkennen in deze inventieve, talige en heldere poëzie. Jan Juttes sterke, kleurige beelden, soms haast stripachtig, werken uiterst uitnodigend om de gedichten meermaals te lezen.
Leeftijd 10+

Uit vrije wil
Ik ben uit vrije wil vertrokken
er kwam geen engel aan te pas.
Van mijn vader kreeg ik geld mee
mijn moeder schonk een jas.

Het kan daarbuiten koud zijn, zei ze
en toen gaf ze me een zoen.
Mijn vader hield het bij een handdruk
de bomen juichten van het groen.

Zonder kaart en zonder route
begon ik hoopvol aan mijn reis
met de wereld aan mijn voeten
in mijn rug het Paradijs.
Koos Meinderts. Uit: Voor altijd vandaag. Sjabloondrukken Annette Fienieg. Hoogland & van Klaveren, 2022
Weemoedige bundel voor volwassenen van schrijver Koos Meinderts die tot toe vooral gedichten voor kinderen publiceerde. Meinderts lijkt hier, in korte, soms rijmende strofes, de balans van zijn leven op te maken. Hij kijkt terug op zijn jeugd, op de liefde voor die ene vrouw, geeft zijn kind leeftips mee om de wereld tegemoet te treden en gaat soms een stap verder. Dan is het of hij zichzelf en zijn verlangens overziet en zich afvraagt wat daarvan rest. Hoe het eindigt, hoewel de gedichten nergens zwaar worden, de toon altijd licht blijft: ‘kom dichterbij/op je knieën zie je/in het klein wat je straks zult zijn/ogentroost voor overlevenden.’
Fieniegs prenten passen daar wonderwel bij, de lichte, meestentijds abstracte landschappen met heel soms een mens daarin, verluchtigen de teksten op een fijne manier. De sjabloondrukken zijn in een kleine oplage gedrukt en te koop.
Leeftijd 18+

Oorwimpers
omdat een oor
geen wimpers heeft
om het geluid te dimmen

heeft iemand ooit
voor elke stem
het fluisteren bedacht.

De maan en de zon
gisteren lag de dag te dromen
de zon scheen in de tuin
en de maan keek om de hoek

ze kennen elkaar al eeuwen
en zwaaien naar elkaar

de zon nodigde de maan uit
voor een kop thee
en ze spraken over sterren
en ze keken naar de aarde

over een maand bezoekt
de zon de maan en dan krijgt hij
limonade en zandgebak

je kunt dan de zon zien glimmen
in het midden van de aarde
Kasper Peters. Uit: Kapitein  in hangmat. Illustraties en ontwerp Anne Caesar van Wieren. Loopvis, 2022. 
 En opeens ploft er een nieuwe dichtbundel op de mat. Lekker dik, met een harde  en opvallende kaft. Hij is van Kasper Peters, ex-stadsdichter van Groningen en poeziëdocent, en volslagen origineel. Peters heeft een geheel eigen taal om de wereld te bezingen, een levendige dwaaltaal vol verwondering, vrolijkheid en oorspronkelijke beelden waarin wind en wolken met elkaar praten, oma’s hoofd een verzameling van verhalen is waar geen nieuwe meer bij passen en bomen uit wandelen gaan. Geweldige poëzie die iedereen moet lezen. De strakke illustraties  gaan een mooi samenspel aan met de teksten, de vormgeving vertelt welke gedichten bij elkaar horen. Topbundel van uitgeverij Loopvis, die bekend staat om zijn creatieve en verrassende uitgaven.
Leeftijd 7-177

Alles
Op een dag bestond ik. Zat in de boom, het was warm
en er landde een mug op mijn hand, ik liet mijn bril zakken
om hem beter te zien. Ogen met sprieten, waarvoor?

Stekeltjes. Klauwen. Haar overal. Uit zijn mond hing
een boor. Hij probeerde me leeg te zuigen,
kriebelde vreselijk. Ik

wachtte kalm op het eind. Volhouden jongen. Je bent
een held of niks, dat duurt zolang je leeft.
Er kwam geen vogel die hem kon gebruiken.

Toen in één keer, omdat hij daar zat met zijn mond
in mijn vel, wist ik dat ik bestond. Ineens leek de zon veel groter,
dichtbijer, lichter dan eerst en de boom was nog nooit

zo vol takken geweest en ik kon
elk blad apart horen waaien en alles bestond.

Weet niet waarom ik zo blij werd van er gewoon
te zijn net als alles, ik moest keihard lachen, ik viel
zowat uit die boom (dag mug) en mijn moeder riep door het raam

Is er iets schat? En ik
zei zonder geluid Ja ma.
Het is feest vandaag. Ik besta.
Eva Gerlach. Uit: Altijd wat te vieren. Gedichten om gelukkig van te worden.  Diverse dichters. Illustraties Carll Cneut. Querido, 2021.
Hoera, alweer een nieuwe dichtbundel, opnieuw van Querido, dit keer rond het thema vieren. Negenveertig gedichten van eenentwintig dichters, ouder en jonger, bekend of iets minder, met zowaar een prachtig nieuw gedicht van Eva Gerlach. Het is jaren geleden dat die een bundel met jeugdpoëzie uitbracht, hopelijk is dit gedicht het begin van een nieuwe, compleet eigen bundel van deze eigenzinnige, originele dichter met haar heel eigen stem. De gekozen gedichten verhalen van vreugde en melancholie, zijn licht van toon, soms haast versachtig, en het merendeel kennen we uit eerdere bundels. Maar er zijn ook wat minder bekende teksten bij. De dieren van Carll Cneut ogen vertrouwd en vreemd, helder en stevig en heel passend bij het thema.
Leeftijd 6+

Je bent niet naar gene
je bent niet op reis
je bent niet door poort
je bent niet ontslapen
je bent niet met noorderzon
je bent niet het hoekje
je bent niet uit varen

je bent dood gewoon
gaan hemelen

je waait
met alle winden
je stroomt met
bergen water
je droomt in
slapende sneeuw
Henk van Zuiden. Uit: Dood gewoon gaan hemelen. Gedichten voor als je woorden zoekt. Bloemlezing, 75 dichters. Met tekeningen en schilderijen van Tjibbe Hooghiemstra, Arno Kramer en Anke Roder. Plint, 2021. 
Er zijn momenten dat je naar woorden zoekt, omdat de woorden die je kent niet voldoen. Omdat het leven kantelt. Dat zijn momenten voor gedichten.
In deze bundel staan zulke gedichten. Gedichten voor afscheid, voor als je ontroostbaar bent, of was, gedichten die troosten, waar je iets aan hebt. Gedichten voor op de kaart of om voor te dragen. Gedichten over hoe je verder kunt, of moet, of mag.
Een bundel om te koesteren, voor als het nodig is.
Prachtig vormgegeven, zacht van vorm en inhoud, gebonden met linnen kaft en buikbandje, leeslint en foliedruk.
Leeftijd: alle

[…]
Ik haalde mijn hart uit mijn borstkas en reikte het je aan.
Alles wou ik je geven.
Je brak mijn hart niet, vertrapte het niet, maar je had het ook niet lief.
Je liet het gewoon in mijn handpalm liggen, zoals een verjaardagscadeau dat je eigenlijk niet wilt, en dat je laat rondslingeren in huis, de verpakking er nog rond.
Misschien was dat het probleem. Je behandelde mijn hart met dezelfde onverschilligheid waarmee je kleren soms behandelt. Als er een gat in je sok zit, gooi je die in de prullebak. Als je broek te krap zit, koop je een nieuwe.
[…]
Ik ben meer dan genoeg.
mijn mantra
[…]
Roxanne Wellens. Uit: De dingen die ik nooit kon zeggen. Van Halewijck (Pelckmans) 2021.
De moderne dichtvorm uit De dingen die ik nooit kon zeggen is bijzonder effectief. De eigentijdse, maar persoonlijke en originele opmaak, de combinatie van woord en beeld, grijpt aan en kan daarmee bovendien een inspirerend voorbeeld zijn voor andere jonge schrijver-tekenaars”
schrijft de Vlag en Wimpel Griffeljury in zijn  juryrapport 2021 over dit boek.
In drie hoofdstukken, Het skelet opvissen, De botten horen rammelen en Trommelen op het hart, doet Wellens op een originele en schrijnende manier verslag van een uiterst pijnlijk proces van verliefdheid op, een relatie met en uiteindelijk het loslaten van iemand met een gameverslaving. Soms gebruikt ze prozatekst, soms een- of tweeregelige zinnen, soms rijmloze gedichten. Oorspronkelijk en indringend boek van deze jonge, veelbelovende schrijfster.

 

[…]
Als je wilt praten over geslachtsdelen kun je het beestje maar het beste gewoon bij de naam noemen. Maar bij welke naam? Er is zoveel keuze!
Artsen en wetenschappers hebben het over vagina’s en penissen. Dat klinkt keurig, maar wel een tikje saai.
[…]
De vagina
Een gewoon woord vinden voor vagina is lastiger. Kut klinkt misschien best goed, maar het wordt ook als een scheldwoord gebruikt, en dat is jammer. Spleetje klopt niet, want een vagina is veel meer dan alleen een spleetje in de onderkant van een meisjeslijf. Doos klopt ook niet. Een doos is interessant om iets in te doen, en een vagina is ook interessant zonder iets erin. Een voorbips? Dat klinkt pas echt raar!
Pubers hebben geen moeite met het bedenken van namen voor de vagina: poes of muis, oester of mossel, genotsgleuf of brievenbus. Maar als ze groot zijn en zelf kinderen krijgen begint het zoeken naar een geschikte naam weer van voorbips af aan.
[…]
Seks is niks geks.
het is fijn om te doen:
dat zachte gezucht
en dat zwoele gezoen,

dat spelen, dat strelen,
dat dingen proberen,
dat voelen van vel
zonder veel te veel kleren,

dat warme, dat natte,
dat klamme, dat kleffe,
dat hijgen, dat zuigen,
dat likken, dat beffen…

Seks is niks geks.
In het licht van de maan
of op klaarlichte dag;
zo gezegd, zo gedaan!
Bette Westera. Uit: Seks is niks geks. Tekeningen Sylvia Weve. Samsara, 2021. 
Wat is een orgasme? Wat is een clitoris? Wat is anti-conceptie, een erectie, menstrueren?
Dit boek voor opgroeiende kinderen en jongeren die willen weten hoe het allemaal nou precies zit met hun eigen lijf en dat van anderen, vertelt het klip en klaar, in normale mensentaal en zonder gene, aangevuld met soms wat lullige quizjes en gedichten.
We lezen verschillende woorden die je kunt gebruiken voor je lichaam, we horen over allerlei mogelijkheden om seks met elkaar te hebben, hoe seks bij dieren er uit ziet, dat je lichaamshaar scheren, in kleurtjes verven of lekker laten zitten allemaal oké is, zolang je je er zelf maar goed bij voelt.
En we vernemen wat je moet doen als je seks tegen je zin hebt gehad. Dat dit onderwerp pas helemaal aan het eind van het boek aan bod komt en bovendien wordt behandeld aan de hand van een meisje dat onvrijwillig is gevingerd door een vrouw, is een gemiste kans. De meeste verkrachtingen van vrouwen gebeuren toch echt door mannen.
Jammer ook dat dit boek niet wat royaler is opgezet. Nu komen Weve’s stripachtige tekeningen slecht tot hun recht op de overvolle pagina’s.
Je gunt elk kind een boek als dit, maar waarom Westera en Weve het niet hebben uitgebracht bij de uitgever van hun succesvolle boeken als Doodgewoon en Uit elkaar is een raadsel.
Leeftijd: 10+

Waarom het nooit bananen regent
Oma zegt: ‘Het regent pijpenstelen.’
Mijn grootmoeder zei: ‘Het regent koorden.’

Mama kijkt nu ook naar buiten en zegt:
‘Niet in Engeland, daar regent het katten
en honden.’ Papa kijkt op en zegt:

‘In Roemenië regent het soms ook
fel, emmers. En in Spanje goot het eens
padden en slangen.

Ik zeg: ‘Het kan soms ook stijve mannen
regenen met bolhoeden en een paraplu.’

Alle drie kijken ze me hoofdschuddend aan.
Net of ik zonet zei dat de zee op visite komt.
Oma zegt: ‘Droom jij maar verder, straks
regent het nog blauwe bananen. In je dromen.’
Daniel Billiet. Uit: Waarom het nooit bananen regent. Prenten Paul Verrept. De Eenhoorn, 2020. 
Een verzamelbundel met bijna 100 van Daniel Billiets gedichten van de afgelopen veertig jaar, dat is nog eens een fijn en gedurfd initiatief van uitgeverij De Eenhoorn. Billiets gedichten, over dagelijkse onderwerpen als opa’s en oma’s, school, voetbal, verjaardagen en vriendjes, verrassen altijd, lepelen de taal als nieuw gerecht op, zijn persoonlijk dan wel geëngageerd en worden nergens voorspelbaar, saai of kinderachtig. Heerlijke bundel voor iedereen die van (jeugd)poëzie houdt. De sfeervolle, bijna grafische, kleurprenten van kunstenaar Paul Verrept passen er wonderwel bij.
Leeftijd: 9+

Zeg me
Zeg me dat de avond valt,
Zeg me dat de maan schijnt,

Zeg me dat alles tussen dag en nacht,
Zeg me dat het licht na de nacht.

Zeg me hoe het licht te bevatten,
Zeg me hoe de onrust te benutten.

Zeg me de gebroken stukjes stucwerk,
Zeg me de schitteringen in de ruit,

Zeg me wanneer de bussen rijden,
Zeg me wanneer de straten golven.

Zeg me de overbodige lampen,
Zeg me de geïnteresseerde touwen.

Zeg me waar je de mooiste kersen haalt,
Zeg me waar je de zachtste schaduw laat,

Zeg me de vingers voor het stopwerk,
Zeg me alles in de buiging van wat open is.
Arjen Duinker. Uit: Woorden temmen van kop tot teen. Poëzie ontdekken zelf gedichten schrijven met Charlotte van den Broeck en Jeroen Dera (redactie Kila van der Starre). Grange Fontaine, 2020.
Poëzie bij jonge lezers (14+)  brengen zonder al te veel uit te leggen, maar wel met lees-, denk- en doe-opdrachten. Dat is in het kort de missie van dit boek, net als het voorgaande Woorden temmen, 24 uur in het licht van Kila & Babsie uit 2018, eveneens van deze uitgever.
De samenstellers, zelf dichter en literatuurwetenschapper, schrijven in hun voorwoord dat ze samen met de lezer op zoek willen naar het ‘iets’ en ‘alles’ dat in poëzie tot uitdrukking kan komen. Niet om een gedicht te kraken, ‘een gedicht is geen cryptogram’, maar om te ontdekken ‘hoeveel kanten je met een gedicht uit kunt.’ Ze vertellen waarom een gedicht hen persoonlijk raakt, stellen vragen over de taal en de gebruikte begrippen in het gedicht en geven een toelichting. Ze moedigen de lezer ook aan zelf gedichten te schrijven en geven daar tips en voorzetjes voor.
Dat zijn fantastische doelen en elke poging daartoe verdient steun en enthousiasme.
Vraagtekens kun je hebben bij de dit keer gekozen gedichten. Er zijn legio eenvoudiger gedichten denkbaar waarmee het doel mogelijk beter bereikt wordt, de gedichten in deze Woorden temmen zijn stuk voor stuk behoorlijk lastig te doorgronden en dat werkt mogelijk niet uitnodigend. Maar voor schrijfdocenten is dit een ongelooflijk fijn boek.
Leeftijd officieel 14+