Berichten

Hetzelfde
Ik rende met mijn oma door de mist
waar zon in prikte. ‘Hee oma,’ vroeg ik,
‘als ik dus constant verander en dat gaat door
tot ik sterf wie ben ik dan, wat kan je

mij noemen.’ ‘Ja,’ zei ze, ‘we gaan
snel voorbij maar iets binnenin blijft hetzelfde.’

‘Wat,’ vroeg ik, ze nam een slok sportdrank. ‘Luister kind,’ zei
ze rennend als de beste naast me, ‘de
holte in de wervelstorm dat ben
jij.’
Eva Gerlach. Uit: Oog in oog in oog in oog. Illustraties Sieb Posthuma. Querido, 2001.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

Als ik nu een draak was kwam er
stoom uit mijn twee oren

sissend schuim droop van mijn schubben
bliksem rolde van mijn tong

donder tolde rond mijn lippen
hete damp sloeg van mijn staart.

Maar ik ben
geen draak. Ik wacht

tot ik jou niet meer wil schroeien
vuur en as op je ga sproeien

smurrie in je haar wil doen
in elk neusgat een citroen, in je bed een schorpioen.

Tot de gloeiende orkaan die
jou aan de kant wil vegen is gezakt naar windkracht negen

tot mijn sneeuwstorm poolwind is, hagel, regenbui,
jij niet sneeuwblind word maar halfslag tranend als van ui.

Ja ik wacht. Tot ik niet meer toe wil slaan.
O wat heb jij een geluk dat draken niet bestaan.
Diet Groothuis. Uit: Vijf draken verslagen.  Querido’s Poëziespektakel. Verzameld door Ted van Lieshout. Meerdere illustratoren. Querido, 2011.
Normaal schrijf ik zelf recensies. Maar dit keer krijgen jullie die van Jaap Friso te lezen. Waarom? Omdat ik er net zo over denk als hij. Dan is het onzin om hetzelfde twee keer op te schrijven. Met dank aan en met toestemming van JaapLeest 
Het poëziespektakel is een fraaie en nuttige catalogus
Honderzesenveertig gedichten geschreven en vijfenveertig tekeningen gemaakt, staat te lezen op de cover het vierde deel van Querido’s Poëziespektakel. Het initiatief van schrijver/dichter/illustrator Ted van Lieshout houdt stand en is inmiddels een soort van catalogus van de Nederlandse kinderpoëzie.
Weinig uitgevers durven nog poëzie uit te geven, of het moet om iemand als Toon Tellegen gaan. In de oogst kinderboeken van de afgelopen maanden ontwaar ik slechts een enkele dichtbundel, waaronder Likmevestje van Elma van Haren. Querido’s Poëziespektakel vervult zeker een leemte maar het moet niet zo zijn dat dichters louter op dit soort verzamelbundels zijn aangewezen. Deze verzameling heeft eerder de functie van een catalogus: kijk eens wat er allemaal voor moois wordt geschreven en getekend, en minder moois ook trouwens. Talenten staan op (Simon van der Geest trapte zijn bekroonde Dissus af in deel 2) en bewezen dichters (Leendert Witvliet, Karel Eykman) bewijzen zich opnieuw. Uitgevers, scholen en andere geinteresseerden kunnen er uit shoppen en er een vervolg aan geven. Met die functie blijft het een uiterst nuttig en bijna noodzakelijk project, niet in de laatste plaats voor dichters en illustratoren zelf.
Zoals in iedere bundel sorteert Van Lieshout de gedichten op thema’s wat vaak verrassende en grappige combinaties oplevert. Het meandert van versen over hondjes, zusjes naar gedichten over verliefdheid en dromen. Er staan in deze bundel relatief veel bijdragen die op het randje van de kinderpoëzie zitten, een grens die uitermate vaag is natuurlijk. Vijf draken verslagen is deels een hommage aan Annie M. G. Schmidt, de titel komt uit haar gedicht De ridder van Vogelenzang en haar schaap Veronica wordt op verschillende manier lof toegedicht.
Zo uitgekristallisseerd als de vorige bloemlezing is deze bundel niet; het spektakel is er een beetje vanaf. Na zoveel gedichten hap je naar adem; door de kwantiteit, de enorme diversiteit aan vormen en thema’s. Het valt niet mee om het koren van het kaf te scheiden en uitschieters kent de bundel dan ook niet echt, al ben ik erg gecharmeerd van dit kleine liefdesgedichtje van Tanneke Wigersma:
Mijn hart is een rood hondje
dat blaft en bijt misschien.
Maar dat kwispelend rent
als jij in de buurt bent
en vooral als jij dichtbij bij me bent.
Gedichten zijn gepubliceerd met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

Windstil en ondersteboven

Vanuit de ruimte lijkt de aarde leeg
een toverbol van tranen en pannenkoekendeeg.

Spiegeltje, spiegeltje van het meer
woont grootmoe nu bij grote beer?

Ik spring in het rimpelloze vel van een plas
naast grootva met een zilverlint op zijn das.

Duik kopje-onder, een visje zwaait met haar vin
naar boven, zegt ze, zwemmen geeft weer zin.

Peter Holvoet-Hanssen&Noëlla Elpers. In: Kwam dat zien, kwam dat zien, Querido, 2008.

Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

In verband met 5 december
(e-mail van de sint himself):
voortaan koop je je pistooltjes
en revolvertjes maar zelf.

Vroeger dacht ik: een geweertje
is wel grappig voor zo’n joch.
Kan ‘ie fijn soldaatje spelen.
Pief, poef, paf! Gezellig, toch?’

Maar de sint leest ook de kranten
en hij kijkt naar het journaal;
báált behoorlijk, ondertussen,
van dat vechten allemaal.

Sinasappels kun je krijgen,
speculaas en marsepijn.
Voor munitie en voor wapens
moet je bij de sint niet zijn.
André Sollie. Uit: Altijd heb ik wat te vieren. Querido, 2009.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.