Berichten

Ver van mijn bed
is de maan op zijn luchtreis
zodat mijn vloer
glinstert als ijs.

Kijk ik omhoog
dan zie ik het maanlicht
buig ik mijn hoofd
komt mijn thuisland in zicht.
Willem Wilmink. Li Po (701-762) naar Arthur Cooper. Uit: Verzamelde liedjes en gedichten. Prometheus, 2010.

het is lente, de dakpannen
drogen in de zon
we hebben lang gewacht
terwijl we in de auto zaten
en de regen hoorden op het dak
(ook dat was tijd die wij
genomen hebben)

het is lente, in het bos
ontkrullen zich de varens
als de halzen van violen
en aan de palen hangen
groene druppels isolatieglas
te glinsteren

het is goed om nu te wachten,
te kijken en te luisteren

en te weten dat er dingen zijn
om het zonlicht op te vangen
ze deden dat al voor wij
hier verschenen, en ook als wij
er niet meer zijn, het licht
zal niet verloren gaan.
Mirjam van Hee. Uit: De bramenpluk. De Bezige Bij, 2002.