Circusdirecteur en andere gedichten voor kinderen

Diet blogt

In Keverburg gonsde het van de insecten.
Ze hadden het druk. Heel erg druk.
Want de jaarlijkse kookwedstrijd voor zespotigen kwam er weer aan.

De vlinders hadden al honderddertien keer op rij gewonnen.
Hun nectargerechten waren onverslaanbaar.
De bijen werden eeuwig tweede.
En de wespen derde, ook al hadden zij hun gerechten altijd gestolen.

Toch deden alle insecten ieder jaar weer mee.
Niet om de eerste, tweede of derde plaats.
Maar om de vierde. Want de vierde plaats betekende winnen.
Vorig jaar won de gekamde kniptor met een moes van zoete boomwortel. Het jaar daarvoor werden de bladhaantjes vierde met limonadeschuim van stuifmeel.

Zo kwamen veel families weleens aan de beurt, maar één familie nooit.
Ze kwamen niet eens in de buurt van de toptien.
Zelfs niet in de buurt van de toptachtig.
Al meer dan honderd jaar eindigden de mestkevers onderaan, op plaats zeshonderdacht.
Want zoveel insectenfamilies telde Keverburg.

Daarom besloot de familie mestkever niet meer mee te doen.
[…]
Bibi Dumon Tak. Uit: Heel Keverburg kookt. Illustraties/knipkunst Geertje Aalders. Gottmer, 2023.
Laat het aan onze koningin van de dierennon-fictie over om een hilarisch, feitelijk en smakelijk verhaal over koken én poep te schrijven. Kinderen zullen gniffelen, grinniken en glunderen van plezier bij dit verhaal, waarin de mestkevers …. ( pas op, spoiler alert) tóch één keer de jaarlijkse kookwedstrijd winnen.
Hoe? Lees zelf maar. De adembenemende illustraties zijn allemaal, stuk voor stuk, geknipt, hoe fijn  of klein ook, tot aan de fijnste bloemblaadjes toe.
Je leert trouwens en passent ook  de namen van heeeel veel prachtige vlinders, kevers, lieveheerstbeestjes, vliegen en glimwormen: ze staan allemaal prachtig geknipt in het boek, met hun namen ernaast.
Leeftijd 4+

Vos had aardappelpuree gemaakt. Dat, bedacht hij, zou érg lekker zijn met gebakken vis! Vos smakte met zijn bek bij de gedachten.
Met zijn opblaasboot ging Vos naar zee.
En glimlachend roeide hij weg van het strand. Wat kon er misgaan? Niets! De zee was leeg. Op zee kon je niet verdwalen.
Na een stukje varen pakte Vos zijn hengel. Aan het haakje hing hij een goed boek.
Vissen, zo meende Vos, zouden daar vast op af komen. Want goede boeken zijn in zee maar weinig te krijgen.
[…]
Daan Remmerts de Vries. Uit: Vos en vis. Gottmer, 20222
Vis leest het boek en Vos zwiept hem omhoog, hup in een van tevoren klaargezet emmertje water.  Vos legt Vis uit dat wie slim is dieren vangt. Dieren die dommer zijn. Maar als ze verdwaald lijken te zijn en Vis aanbiedt om Vos de weg te wijzen, blijken slim en dom toch wat meer te behelzen dan dat.
Hilarisch prentenboek, waarin veel te lachen valt. Om de droogkomische teksten van Remmerts de Vries, de wending die het verhaal uiteraard neemt en de stripachtige tekeningen vol beteuterde gezichten van Vos en Vis. En ook om de heerlijk gewiekste manier waarop het eten van medeschepselen aan de kaak wordt gesteld. Deel drie in de prentenboekenserie over Vos.
Leeftijd 4+

Haar naam was tante Dominante
en ze was beslist de baas
van deze boterham met stroop
en deze boterham met kaas.

Ze woonde heel gezellig
in een slordig stukje stad.
Het heette daar De Stort,
een toplocatie voor een rat.

Tante had twee neefjes:
ene Knoop en ene Knaas.
Knoop was dol op stroop
en Knaas was knettergek op kaas.
[…]
Erik van Os & Elle van Lieshout. Uit: Twee schatjes van ratjes. Tekeningen van Thé Tjong-Khing. Gottmer, 2022. 
Alweer een nieuw prentenboek op rijm van Erik van Os, dit keer samen met zijn vrouw Elle van Lieshout. Het regent dit jaar boeken van deze schrijver.
Het ritmisch rijmende avontuur over tante Dominante en haar twee neefjes, die tevergeefs hun úiterste best doen om bij tantes gevonden boterham met kaas en stroop te komen, brengt ongetwijfeld een brede lach op de gezichten van hun jonge lezers, vooral als de twee ratjes aan het eind gefrustreerd besluiten dat ze dan maar op de boterhammen gaan spugen en plassen.
Veelvuldig gelauwerd tekenaar Thé Tjong-Khing maakte er levendige en actuele tekeningen bij; op de vuilnishoop in kwestie liggen afgedankte mondkapjes en pannensponsjes  voor het grijpen. Van de expressieve gezichtsuitdrukkingen van de ratjes kun je alleen maar grinnikend genieten.
Leeftijd 4+

Bal
Pluis zit in zijn hok.
Lekker in de zon. Met zijn ogen dicht.
Hij is een beetje aan het dromen.

Hee!
Opeens komt er een wolk voor de zon.
Pluis schrikt wakker.
In de lucht ziet hij een bal.
Een zwarte bal met heel veel haar.
En die haarbal
komt naar hem toe!
Help!

[…]
Nog een weg terug, denkt Pluis soezerig.
Het lijkt wel of er altijd ergens
niet alleen
een weg naar weg
maar ook
een weg
naar terug is.
Mathilde Stein. Uit: Pluis en Pluk. De weg naar terug. Yihaaaaaa Ninjavia! Lemniscaat, 2022
De schrijfster en tekenaar van prentenboeken als Bang Mannetje en De kindereter levert voor het eerst een leesboek af, voor eerste lezers, dat niet alleen lief en heel grappig, maar ook spannend, talig en gelaagd is. Stein slaagt er in korte, goedgeschreven zinnen in van twee cavia’s – zo’n beetje de sufste huisdieren die er bestaan – warmbloedige personages te maken, met wie je als lezer kunt en wilt meeleven en wiens avonturen je de bladzijden steeds sneller willen laten omslaan. Waarvan de een bovendien ook nog eens als een echte dappere krijger wordt afgeschilderd.
Pluis en Pluk weten kat Sis te verslaan, zelfstandig buitenshuis te komen, een dief te ontmaskeren en ook nog eens een gestolen ring bij prinses Miski terug te bezorgen, en daarna warempel ongeschonden in hun veilige, gezellig hok terug te keren. Heerlijk boek, lekker dik ook.
Leeftijd 6+

Jongens
Jongens zijn het.
Geen aardige jongens.
Ze bijten.

Spugen, schoppen, slaan,
snijden, knijpen, hakken
branden, gooien, meppen

alle kikkers die ze zien. Alle
padden, slakken, egels,
torren, motten, katten, kevers,

muizen, vissen, hagedissen.
Zijn ze gek? Of denken
ze niet na? Weten

ze dan niet zoiets pijn doet?
Gruwelijk afschuwelijk
verschrikkelijk veel pijn?

Ik wil ze
bijten.
Spugen, schoppen, slaan,

snijden, knijpen, hakken,
branden, gooien, meppen.
Zonder uitleg. Zal ze leren.

Pech. Dat mag niet, ze
timmeren op hun vervelend smoel.
Zelf weten ze het niet, maar jongens hebben ook gevoel.
Diet Groothuis. Uit: Waar ik ben. Illustraties Merel Eyckerman. De Eenhoorn, 2012. 
Vandaag is het Gedichtendag en begint ook de Poëzieweek. Het thema is dit jaar Vriendschap. Dat kan op veel manieren, in dit gedicht eerder tussen dieren en het ik-personage  dan tussen mensen.

Boom
Een ruwe bast, mijn boom.
Hij houdt me vast
met al zijn armen.
Ik mag me aan hem warmen.
Mijn wang, zijn schors, mijn hand.
Wie heeft hem ooit geplant?
Een jongetje dat schaduw zocht,
een man werd van het wachten.
Zo waaien de gedachten
tot boven in mijn kruin.

Koelte in mijn tuin.
Andre Sollie. Uit: Heel de wereld wordt wakker. Het beste van de moderne kinderpoëzie in 333 gedichten. Samenstelling Jaap Robben. Tekeningen Sebastiaan Van Doninck. Gottmer, 2022.
Gedichten die voelen als de kracht van een toverspreuk, schrijft Jaap Robben in zijn ‘Welkom lieve lezer’ dat aan de gedichten in deze kloeke verzamelbundel vooraf gaat. Hij legt uit dat de beste gedichten verschillende dingen met je kunnen doen: je iets groots laten voelen dat niemand aan de buitenkant aan je kan zien. Of je  helpen herinneren aan wat je was vergeten. Je troosten, ergeren, laten lachen, op een nieuwe manier naar buiten laten kijken of je bijna onzichtbaar laten knikken.  Deze bundel, schrijft hij, is bedoeld als gebruiksaanwijzing bij jezelf, als encyclopedie van gevoelens en atlas voor je fantasie en dromen. En als landkaart om iemand anders beter te laten begrijpen. 
Dat is een heleboel. Maar dit boek maakt het allemaal waar. Wat een geweldige verzameling mooie gedichten heeft Robben hier bij elkaar verzameld. Hij heeft ze ook nog eens zo geordend dat de lezer – een kind – er in mee kan groeien, als op een olifantenpaadje noemt Robben het: beginnen met begrijpelijke, korte gedichten en zo een leeservaring opbouwen waarmee  het verder kan naar iets ingewikkelder of gelaagdere poëzie. En zo verder. De vier delen lopen dus in moeilijkheidsgraad op en de gedichten zelf reageren op een slimme manier op elkaar. Van Donincks fijnzinnige tekeningen bewegen daarin mee en verbinden soms gedichten op een spannende manier aan elkaar.  Jaap Robben attendeert ons lezers er aan het eind van de bundel nog even fijntjes op dat een mens goede jeugdpoëzie nooit ontgroeit. En zo is het.
Verrukkelijk,  dit boek, de hele rest van je leven.
Leeftijd 6+

Vele, vele jaren geleden,
in de tijd dat prinsen nog op witte paarden reden,
leefde eens een koning met zijn koningin.
Ze hadden alles om gelukkig te zijn. Tenminste,
bijna alles: een prachtig paleis, een tuin met
geurige, kleurige rozenstruiken, lieve vrienden
en niet te vergeten, elkaar!
Maar…
[…]
Erik van Os & Elle van Lieshout. Uit: Doornroosje, componist Pjotr Iljitsj Tsjaikovski, illustraties Charlotte Dematons.
Uit: De mooiste verhalen uit de klassieke muziek. Meerdere schrijvers en illustratoren, Gottmer, 2022 (mmv Harmen van Straaten, Bette Westera, Marjolein Hof, Ivo de Wijs, Marjet Huiberts, Sylvia Weve, Noëlle Smit, Martijn van der Linden, Philip Hopman, Siep Posthuma)
Wat een geweldig boek heeft uitgeverij Gottmer hier uitgebracht: een verzamelbundel van verhalen uit muziekstukken uit de klassiekemuziek-serie die de uitgeverij jarenlang uitbracht. Iedereen die van klassieke muziek én van sprookjes en verhalen houdt rent nu, hup, naar de boekhandel! Assepoester en Doornroosje, Peter en de wolf, Het zwanenmeer, Peer Gynt, De Notenkraker, Het Carnaval der Dieren en De Schilderijententoonstelling: herverteld door een keur van kinderboekenschrijvers en getekend door het puikje van onze illustratoren. Dit boek is een feest voor oor en oog en je kunt natuurlijk het bijbehorende muziekstuk laten horen, waardoor je kinderen in een klap een stuk wijzer (en innerlijk rijker) zijn.
Leeftijd 4+

De vos en zijn vrouw naar een fabel uit India
In een hol, aan de rand van het bos,
woont de familie Vos.
Met de kids erbij zijn ze met 7,
maar die zijn vanavond thuis gebleven.
Vandaag was er markt in de stad.
Dan gaat het koppel Vos op pad:
daar ligt altijd wel afval te stinken
dat dierenmagen net lekker vinden.
Op de terugweg loopt het uit de hand,
altijd weer discussies over dat verstand.
Meneer Vos:
‘Hoeveel verstand heb jij?’
Mevrouw Vos:
‘Zoveel als een groentemand kan dragen.
En jij?’
Meneer Vos:
‘Zoveel als je op twaalf buffels kan laden.’
Tot die nacht dat het stel Tijger ontmoet,
die hen met een vriendelijk woord begroet.
‘Dag maatjes die naar huis afzakken,
eindelijk heb ik jullie te pakken.’
Meneer Vos panikeert.
Mevrouw Vos redeneert.
‘Dag Oom, luister even,
kan u ons raad geven?’
Tijger voelt zich vereerd.
‘Absoluut geen bezwaar.
Nichtje, vertel het maar.’
Vrouw Vos denkt diep na voor ze begint
en verzint:
‘Wij willen de kinderen verdelen.
Mijn voorstel is: ik 3, hij 2,
maar daar neemt hij geen vrede mee.
Heer Oom, hoe zou U dat klaarspelen?’
(Wat een kans! Tijger is in zijn nopjes.
Mmm…die ouders + nog 5 jonge kopjes!)
Tijger lacht: ‘Ik denk erover na.
Goed als ik met jullie meega?’
Papa Vos rent meteen O naar binnen,
mama probeert wat tijd te winnen.
‘Mijn man kan die kleintjes alleen niet aan.’
Achterstevoren kruipt ze l a n g z a a m
het hol in, nog steeds kijkt ze Tijger aan.
Die vraagt: ‘Waarom op die manier?’
‘Heer Oom, ’t is niet voor míjn plezier.
Een machtig man moet men vereren.
U kan ik toch mijn rug niet toekeren?’
Even later roepen de vossen in koor:
‘Oompje, ons probleem is opgelost hoor.
Erg bedankt…en ga er gerust vandoor.’
Tijger vloekt en bromt.
Tijger roept en gromt.
Hij is bij de neus genomen!
Dus weg zijn lekkere dromen.
Hij probeert nog in het hol te kruipen
maar als een grote stommeling…
moet hij afdruipen.
De vossenfamilie is dus gered
en meneer Vos geeft grif toe:
‘Vrouw, dat was een heel verstandige zet.’
Riet Wille. Uit: Als een vossenstaart op een landkaart. Tekeningen Sassefras De Bruyn. De Eenhoorn, 2022. 
Dierenfabels uit Duitsland, Suriname en Tibet, uit Roemenië, Afrika, het Midden-Oosten en de Verenigde Staten: Riet Wille heeft dierenverhalen van over de hele wereld bij elkaar verzameld om ze in rijmvorm te kunnen hervertellen. Dat doet ze op de van haar bekende, eenvoudige manier: met korte, kleine woorden zodat beginnende lezers (kinderen én volwassenen die Nederlands als tweede taal leren) ze kunnen begrijpen. Het is een bont en vrolijk geheel geworden, waarbij de fantastische  sfeerrijke, kleurige paginagrote beelden van Sassefras De Bruyn de verhalen op hun eigen manier vertellen met steeds weer nieuwe elementen.
Het boek is wonderschoon vormgegeven, met een stevige kaft en lekker in de hand liggend.
Leeftijd 7+