Zomeravond
Ik lig al in bed,
maar de zon is nog op
en de merel is zó hard aan ’t fluiten!
Ik lig al in bed
met de beer en de pop
en verder is iedereen buiten.
De radio speelt
in de kamer benee
of is het hiernaast bij de bakker?
Nou hoor ik een kraan.
O, ze zetten weer thee
en ik ben nog zo vreselijk wakker.

Ik lig al in bed
en ik mag er niet uit,
want de klok heeft al zeven geslagen.
Ik wil een stuk koek
en een halve beschuit,
maar ik durf er niet meer om te vragen.

Ik lig al in bed
en ik speel met mijn teen
en de zon is nog altijd aan ’t schijnen.
En ik vind het gemeen
dat ik nou alleen
in mijn bed lig, met dichte gordijnen.
Annie M. G. Schmidt. Uit: Zing een lied van Annie M.G. Schmidt. Tekeningen Noëlle Smit. Querido, 2024.
Het is de jaarlijkse Annie M.G. Schmidt-week en speciaal daarvoor bracht Querido dit boek uit met een aantal fijne liedjes van de nog altijd populaire schrijfster. We vinden er klassiekers als  Sebastiaan en De kat van ome Willem, het nooit vervelende Ik ben lekker stout en Dikkertje Dap naast wat minder bekende versjes als Twips en De bullebak. Zet de muziek van VOF de Kunst erbij op en je kunt,  met je kind(eren), heerlijk meegalmen.
De energieke, vrolijk stemmende tekeningen van Noëlle Smit komen deels uit uitgaven van 2013 & 2014 ter ere van 125 jaar Het Concertgebouw en zijn deels nieuw.
Leeftijd 3+

1.Begin met ‘Ik denk aan.’ Als je vastloopt, schrijf dan opnieuw ‘Ik denk aan’ en ga door[…]
7. Waar moet jij afscheid van nemen als je doodgaat? […]

27. Schrijf een afscheidsbrief[…]
40. ‘Ik had drie vrienden. Met twee van hen heb ik nog contact.’ The Round House, Louise Erdrich. Erdrich schreef dit prachtige boek in diepe concentratie. Waarom gebruik je haar zin niet als onderwerp? Kijk waar het toe leidt. Tien minuten. Misschien wil je het boek ook lezen. Het is goed […]
43. Waar voel je je het meest alleen? […]
55. Van welke sport houd je? Vertel erover. Houd je niet van sport? Vertel ons daarover. Schrijf tien minuten achter elkaar]…]
60. Vertel jouw liefdesverhaal. Schrijf vijftig minuten achter elkaar […]
Natalie Goldberg. Uit: Schrijven vanuit je hart. 60 inspirerende kaarten & instructieboek. Nieuwe onderwerpen en lessen. Altamira, 2024. 
Na het veelgeprezen boek zijn er nu inspiratiekaarten om jezelf op gang te helpen in je schrijfproces. Geschikt voor professionele schrijvers en amateurs, voor iedereen die een duwtje nodig heeft om op gang te komen. Fijne vragen, handige toelichting op de achterkant.

DE KOP
Een kip moet haar kop stilhouden om scherp te kunnen zien. Maar om diepte te zien moet ze haar kop naar voren bewegen. Vandaar het rare loopje van kippen: ze bewegen eerst hun kop naar voren en zetten dan pas een stap…
Ademen
Een kip ademt lucht in door de neusgaten…tot wel 37 ademhalingen per minuut (bij een mens zijn dat er ongeveer zestien)…De holle botten van vogels (en dus ook van kippen) zijn verbonden met…luchtzakken. De gaatjes in de botten zijn een opslagplaats voor extra lucht. Ook sommige dinosaurussen hadden zulke botten…
Cloaca
Cloaca is een  chique naam voor een veelzijdige kont, van kippen en bijna alle andere vogels, reptielen en amfibieën…Door een cloaca gaan zowel de eieren als de drolletjes en je kunt er ook mee paren. Een gaatjesgoocheltruc…
Kippenhypnose
Als je een kip op haar zij legt en vasthoudt, en dan met je andere hand een lijn trekt op de grond, weg van haar kop, blijft de kip zo liggen. Alsof ze gehypnotiseerd is. Dat klinkt grappig, maar is het niet. Ze blijft zo stil liggen omdat ze zich bedreigd voelt…Als kippen elkaar op de zij zouden leggen, gewoon voor de lol, zou het geen kwaad kunnen. Maar mensen zijn en paar maten te groot voor een kip. Een beetje alsof olifanten mensen op hun zij zouden leggen.
[…]
Evelien de Vlieger. Uit: Het grote Kippenboek. Illustraties Jan Hamstra. Lannoo, 2024. 
De liefde spat van dit boek af.  Liefde voor kippen, voor hun ‘rommelig, onder-onzig gescharrel’ en voor werkelijk alles wat er over kippen te weten is.  Oogstrelend zijn de bijna A3-formaat grote linosnedes waarop de kippen zó ongelooflijk precies en levensecht zijn afgebeeld met steeds opnieuw elk miniem veertje op zijn plek dat je er niet aan durft te denken hoeveel werk dat moet zijn geweest. Een keur aan kippenfeiten en -weetjes staat daar tussendoor, van de geschiedenis en opmars van kippen, over veren en botjes, hun binnenkant, hun kuikens en eieren, wat ze eten en hoe ze stofbadderen, kippentaalweetjes en nog ongelooflijk veel meer.
De kippen ogen nergens ááibaar, lijken nergens lief. Nu zijn kippen dat doorgaans ook niet, maar daardoor heeft het boek geen hoog snoezigheidsgehalte. Het is wel een rijke bron van kijkplezier en informatie voor wie erover denkt kippen te gaan houden, ze al heeft of wie ze domweg superinteressante, leuke beesten vindt.
Leeftijd 8+

Aan de waterput
De zon schijnt, al maanden.
Tegenwoordig prijzen we de regen.
Tegenwoordig mogen we om de beurt
water gaan halen, we noemen het de waterput
net zoals ze vroeger deden.
Vroeger hadden we kranen waar goud uit kwam als je ze opendraaide.
Dat wisten we toen niet maar nu wel.

We praten, aan de waterput.
Het is lang wachten dus ik maak vrienden.
Van een last een lust maken, daar word je vanzelf expert in.
De buurvrouw en ik bespreken hoe graag we zouden willen zwemmen.
Met wijde bewegingen, hoofd onder water,
waterijsjes druppelend van je kin.

Hoe gek het is dat ze het toen al wisten en wij het nu leven: tekort.
We lijken op vetplanten: met weinig tevreden.
We lijken op vetplanten: overlevers.
We tellen de dagen in regen,
we maken vrienden aan de waterput,
hopen op sneeuw.
Evangeline Agape. Uit: Het gras lacht groen. Klimaatgedichten & korte verhalen van meerdere auteurs waaronder Joke van Leeuwen, Pim Lammers, Erik van Os, Daniel Billiet ea.  Samenstelling Daniel Billiet. Illustraties Lucas Suykens. De Eenhoorn, 2024. 
Hoe knap dit gedicht, als je bedenkt dat de opdracht of vraag was om een klimaatgedicht te schrijven maar niet te alarmistisch, niet te onheilsspellend. Maar bewustwording vergrotend. Dat is gelukt met dit boek. De gedichten en verhalen zijn los van toon en brengen toch de boodschap luid en duidelijk over het voetlicht: er is geen tijd meer te verliezen, kom in actie! Dit boek is voor kinderen en volwassenen, we leven allemaal in een tijd “waarin we in toenemende mate te maken hebben met de ingrijpende gevolgen van klimaatverandering.”
Door de  strak gestileerde, stripachtige tekeningen van Suykens blijft de lezer wat op afstand, en wellicht is dat precies de bedoeling. Want het is goed als mensen zich bewust worden van wat er gaande is, maar we willen niet dat ze in paniek raken.
Leeftijd 8+

Gevlogen
Ik vond je op het pad
en heb je zacht gestreeld
en in mijn hand gewogen:

een rommelig dotje veren
met gitzwarte ogen
die nerveus bewogen.

Je hartje tikte snel.
Toen hield het op en viel
jouw kopje steil gebogen

over mijn hand omlaag.
Plots leek je zwaarder,
hoewel er iets was weggevlogen.
Rian Visser. Uit: Het is een zachte dag vandaag. Illustraties Janneke Ipenburg Leopold, 2024.
Wat een heerlijke titel heeft Rian Vissers nieuwe bundel. Hij nodigt de lezer uit om de gedichten met een zacht hart en warme ogen te lezen.  De gedichten gaan over wensen en dromen, over hoop en over een leerling die de leraar wil leren hoe hij niet iemand met ‘lastig gedrag’ is maar iemand die langzaam verandert en ontdekt wie hij is. In een flink aantal gedichten wordt de lezer opgeroepen tot actie, zoals voor meer groen zorgen, sporten (want ‘sport is goed’), doden en ‘vergeten’ bomen herdenken en niet te vergeten genieten. Sommige gedichten spelen meer met taal: ‘Ken je dat?/Dat je steeds denkt/straks ga ik dit doen/maar eerst doe ik dat/en dat dit er dan niet van komt?
Ondanks de maatschappelijke thema’s die her en der aan bod komen zijn de meeste gedichten uiterst luchtig, waardoor de boodschap op afstand blijft. Rian Vissers  poëzie kan best wat meer gewicht gebruiken en zou er sterker van worden.
Janneke Ipenburg tekent sfeervol, boordevol kleur en afwisseling en verbeeldt elk gedicht met steeds een verrassend detail of bijzondere invalshoek.
Leeftijd 7+

Dorst naar mij
Ik zag de zee
met dorst naar mij.
Golven trokken aan
me, mijn zwembroek

haast uit. De stroom
zoog het zand onder
me vandaan. Ik lachte.

Schelpen sloten
zich uit schaamte.
Moeders sloegen hun
handen voor de ogen

van hun kinderen.
Toeristen ontvluchtten
het strand. De zon liet

zich haastig zakken in
zee. De maan kwam
bleek weggetrokken op.

We gingen hand in hand
zachtjes samen liggen
in de duinen en vielen
in slaap zonder iets

te doen, zeiden we later
tegen onze moeders
en die verzwegen het
voor onze vaders.
Ted van Lieshout. Uit: Ommouw me. Leopold, 2024
Een onmiskenbare Ted van Lieshout, dit boek. Alles wat eerder voorbij is gekomen in zijn oeuvre zit erin, maar toch weer onnavolgbaar anders, origineel, nieuw. Tekst en beeld zijn onlosmakelijk met elkaar verknoopt tot een oorspronkelijk, zinnenstrelend geheel.
In prachtige portretfoto’s van kledingstukken die van Lieshout tientallen jaren heeft bewaard, staan korte gedichten gedrukt, ‘Reik me aan/Trek me aan/Rek me uit/Hoe vind je me staan?’ , die duidelijk maken dat de kledingstukken iets vertellen over de persoon die ze droeg. Het boek zit de auteur dicht op zijn huid, er zijn teksten over zijn vader en broer, beiden overleden, de band met zijn moeder, gender en  seksualiteit, het verlangen naar authenticiteit, geluk, gezien worden. In 7 verschillende delen lezen we in een logische volgorde over verlaten worden, missen, doodgaan, twee broertjes op avontuur, seks en eigenlijk steeds opnieuw over een groot verlangen naar liefde.
Van Lieshout weet je als lezer op een fenomenale manier tegelijkertijd diep te ontroeren en raken en in de lach te laten schieten met zijn pijnlijke maar ook humoristische teksten en beelden. Goed dat de uitgeverij Ted van Lieshout, die binnenkort zijn 40-jarig jubileum als schrijver, dichter en illustrator viert, laat maken wat hij wil. Het levert weer een prachtig boek op.
Leeftijd 9+

De boom die een wereld was
De boom was zo oud als de wereld en zat vol knobbels en kloven. Zijn stam stond scheef en zijn kruin was verward, alsof hij net uit bed was gestapt. Als de wind lui was, dan wiegde hij loom en tevreden, maar als een storm door hem heen joeg, dan kraakte en kreunde hij, en dan lispelden zijn bladeren
[…]
De heelalvis
De heelalvis verscheen heel soms ’s nachts aan de hemel. Maar alleen als het helder was en bezaaid met sterren. Als het niet te warm was en niet te koud en als de wind zo’n zacht briesje was, dat het was alsof hij slaapliedjes in je oor fluisterde.

Alleen als iedereen sliep, dan kwam ze.

Niemand wist waar de heelalvis vandaan kwam.
Wat ze at, of ze alleen was, of ze misschien zo oud was als de sterren.
Niemand wist zeker of ze echt was, of eerder een fantastische gedachte.
Maar dat maakte haar niet minder echt.

En dus, als het helder was en bezaaid met sterren, als het niet te warm was en niet te koud, als iedereen sliep, ook de luiaard – dan verscheen ze.
Heel af en toe.

Dan bezocht ze de dromen van de dieren in de boom. En als de dieren wakker werden, bleef er iets in hen achter. Een gedachte, een droom, een besluit, een vraag.
Of gewoon iets geks, iets onverwachts.
Een klein stukje heelalvis.
Yorick Goldewijk. Uit: De boom die een wereld was. Illustraties Jeska Verstegen. Ploegsma, 2024. 
Dit boek begint met een kort verhaal over een boom. Het eindigt met de heelalvis. Daartussen  in leren we de boom kennen en de dieren die in, onder en bij hem wonen. We leven met ze mee en gaan van ze houden.
Want oh, wat kan Yorick Goldewijk mooi schrijven! Teder en liefelijk, zoals de andere snoek, trefzeker zoals de spin haar perfecte web maakt en gulzig als Betsie de groene bladluis. De korte verhalen ademen een vleugje Toon Tellegen, een snufje Bibi Dumon Tak maar overtuigen uiteindelijk helemaal als zichzelf. Veelbelovend, dit boek. Meer hiervan, Yorick Goldewijk.
In haar tekeningen tovert Jeska Verstegen je op dromerige en elegante wijze de boom en de dieren voor, in al hun eigenzinnige  en sfeervolle eigenheid. Tekst en tekeningen worden samen meer dan ze los van elkaar zijn. Heerlijk boek, ook om voor te lezen (aan elke leeftijd).
Leeftijd 6+

Lentedans
Op brekebenen danst het door de wei.
Een knotje witte wol met roze oren.
Omhoog, omlaag, naar voren en opzij.
Een knotje witte wol, vannacht geboren.

De moeder ligt er grijs geworden bij.
Nog even en dan wordt ze weer geschoren.
Op brekebenen danst het door de wei.
Een knotje witte wol met roze oren.

De akkers worden wakker, in de klei
boetseren oude ploegen nieuwe voren.
Nog even en dan wuift hier weer het koren.
Wie vindt dit jaar het eerste kievitsei?
Een knotje witte wol met roze oren!
Bette Westera. Uit: Dichter bij de seizoenen, maart, rondeel. Illustraties Henriette Boerendans. Gottmer, 2024. 
Dit is om meerdere redenen een fijn boek. Een gedichtenboek zoals je een gedichtenboek wilt zien. Het is altijd plezierig en bevredigend om gedichten te lezen die passen bij het seizoen waarin je je op dat moment bevindt.  Dat doen deze gedichten. Ze roepen meteen een gevoel van herkenning op, met daarbij vaak ontroering of een glimlach.
Ritme en rijm zijn vlekkeloos zoals we van Bette Westera gewend zijn maar ook schrijft ze elk gedicht in steeds een andere versvorm. Dit maakt het boek heel geschikt voor speelse taal- en poëzielessen.  Zo is het gedicht Lentekriebels in april  geschreven in een acrostichon met als beginletters de naam van Vincent van Gogh bij  een tekening in zijn stijl.  Thuisblijvers in december is geschreven in het befaamde ollebolleke met zeslettergrepig woord  ‘winterversnapering’.
De vaak breekbare,  sfeervolle houtsnedes van Boerendans bij de gedichten zorgen voor een rijke totaalbeleving van tekst en beeld.
Leeftijd 8+

Pssst…ik ben nog niet geboren.
Ik draai en trappel in het rond.
Als je luistert, kun je me horen,
onrustig als een jonge hond.

Buiten hoor ik mensenstemmen,
ver weg en dof of heel dichtbij.
Dan ben ik bijna niet te temmen:
laat me eruit, ik wil erbij!

Als ik eruit mag, zal ik er zijn;
het mooiste mensje van het land.
Niet te groot en niet te klein
en vanaf dag één briljant.

Ik betover iedereen,
met wat ik doe en zeg en vind.
Zoals ik is er maar één.
Misschien ben ik een SUPERKIND…

Want als ik 1 ben, kan ik lopen
[…]
Claudia Jong. Uit: Als ik er ben. Illustraties  Lies Schroeyen. De Eenhoorn, 2024.
Origineel concept, deze tekst vanuit een baby op komst, een ongedúrige baby op komst ook. De ‘ik’ in dit grote prentenboek kan niet wachten om aan haar of zijn bestaan op aarde te beginnen en dan ook meteen aan iedereen te laten zien wat ze allemaal in haar mars heeft. Zoals een ijsje kopen met 1 jaar en met 6 jaar met Russen en Chinezen praten en bij koningen op bezoek gaan. Tellend van 1 tot 9  schotelt de ‘ik’ ons alle wilde plannen voor, maar aarzelt dan en vraagt zich af  ‘Hoe zou het zijn daarbuiten? Is iedereen vrolijk en blij? Soms hoor ik vogeltjes fluiten! Ben jij er ook… WACHT JE OP MIJ?’
De laagdrempelige, vierregelige rijmpjes (met hier en daar nogal haperend ritme en te voorspelbare rijmdwang) maken dit prentenboek geschikt als voorleesboek voor peuters en kleuters en de ruim opgezette tekeningen in zachte tinten rozerood en oranje ademen daarbij de goeie sfeer, vrolijkheid en avontuur. En gelukkig wordt het nergens echt te zoet.
Leeftijd 4+

Dit diertje houdt van huppelen.
Ook zachtjes aaien vindt ze fijn.
Ze eet graag sla en worteltjes.
Het is een knuffelig…
[…]
Rian Visser. Uit: Dit dier hier. 30 raadrijmpjes. Illustraties Iris Deppe. Gotttmer, 2024. 
Om voor te lezen aan de allerkleinsten: raadrijmpjes over een haan, kat, giraf, chimpansee, spin, beer, hond en  zo meer, met het ontbrekende dier groot in kleur ernaast getekend voor wie het rijmpje niet meteen begrijpt. De versjes zijn simpel van toon, ritme en rijm, maar vergroten de woordenschat van de voorgelezene op een speelse manier.
Voor ouders is er de handreiking Hoe lees je voor?, waarin op rijm uiteen wordt gezet hoe dit boekje te gebruiken. Handig voor laaggeletterden en beginnende taalvaardigen.
Leeftijd 18 maanden