‘Hé,’ roept Boer Boris, ‘vandaag is Knol jarig.
Hiep, hiep, hoera voor het paard!
Ik wou dat ik tijd had om zelf wat te bakken,
maar ik heb geen tijd voor een taart.
Ik zal er gauw een bestellen;
ik ga bakkertje Bas even bellen.’

‘Goedemorgen, je spreekt hier met Bakkertje Bas.
Wat zeg je? Een taart? Een taart voor een paard?
Natuurlijk, dat kan. Wat voor taart moet het zijn?
Met nootjes? Met room? Chocola? Marsepein?
O nee? Het paard mag dat allemaal niet?
Het mag wél een taart zijn van haver en biet,
van gort en van gras en van stro en van. hooi?
Jazeker, dat kan. Hij wordt lekker en mooi!
[…]
Ted van Lieshout. Uit: Boer Boris en bakkertje Bas. Illustraties Philip Hopman. Gottmer, 2021.
Wat valt er toe te voegen aan het grootfeestelijk stemmenkoor  over deze geweldige peuter-, kleuter- en ookgrotemensenserie? Boer Boris redt, stoïcijns als altijd, bakkertje Bas als die met zijn wagentje in de sloot rijdt, de dieren op de boerderij doen zich levenslustig tegoed aan alle heerlijkheden ter ere van de jarige Knol en muis en vogel verschijnen op de listigste plaatsen, zoals bovenop de taart als bakkertje Bas die naar de boerderij brengt. En wordt het zusje van boer Boris nou verliefd op bakkertje Bas?
Leeftijd 2+

Het juffertje
De hele dag was ze bezig met bezemen en koken, maar maandags deed ze de was in een oude schoen, die naast haar huisje lag. Daar tochtte het verschrikkelijk op winderige dagen, want de zool had helemaal losgelaten en maakte overal kieren, waar de spijkers als tralies voor zaten. Zo leefde dat juffertje daar ’s zomers en ’s winters, in de lente en in de herfst, het ene jaar na het andere.
Elk voorjaar kookte ze dottersoep, elke zomer bakte ze wilde wikketaart, in het najaar maakte ze bramen in en ’s winters stoofde ze watergruwel. Maar als er ijs lag, leed ze honger.
‘Waarom gaat u nooit wandelen over de weilanden?’ vroegen de karekieten haar eens.
’t Is hier zo mooi tussen het riet,’ antwoordde het juffertje.
‘Maar hebt u de wei weleens gezien?’ vroegen de vogeltjes.
‘Nee,’ antwoordde het juffertje.
‘De wei begint tien passen hiervandaan. Hij is groen van gras, geel van boterbloemen, blauw van vergeet-mij-nieten, rood van klaver en wit van madelieven’, riepen de karekieten. ‘Ga toch zien.’
‘Het riet ruist zo mooi,’ antwoordde het juffertje en ze bezemde haar plompenhuisje schoon, ging voor het venster zitten en keek naar de blauwe lucht tussen de wiegende stengels.
[…]
Paul Biegel. Uit: Groot Biegel Sprookjesboek. Illustraties Charlotte Dematons. Gottmer, 2021. 
Hoe fijnzinnig, raadselachtig, origineel en markant wil je het hebben? Samen met de erven Biegel heeft uitgeverij Gottmer dertig Biegelverhalen gekozen voor dit heerlijke boek, stevig en luxe uitgevoerd. Zijn het echt sprookjes? Daar kun je over twisten. Zeker, er komen kabouters in voor en er wordt soms getoverd, maar het zijn eerst en vooral Biegelverhalen waarin  de fantasie in Biegels altijd ritmische en muzikale taal hoogtij viert. Neem het verhaal hierboven,  een wonderschone ode aan al het moois dicht om je heen. De tekeningen die Charlotte Dematons speciaal voor deze uitgave maakte zijn raak, voegen zich naar de verhalen maar prikkelen ondertussen ook je verbeelding. Elk verhaal heeft bovendien een minitekeningetje als herkenningsteken gekregen, boven het verhaal en in de inhoudsopgave. Heerlijk, zo’n goed verzorgd, mooi boek. Heerlijk om elkaar uit voor te lezen.
Leeftijd: tijdloos

De versiertruc
Hij moet een kadootje meebrengen, een lekker hapje
verpakt in spinnenzijde, maar hij heeft honger
heeft al dagen niets gegeten. Een hapje
dan maar, net als Winnie the Pooh, één hapje?

Twee kan ook wel, of drie en dan is plotseling
het hapje weg. Wat te doen? Het harde jasje
van de vlieg maar goed inpakken en hopen
dat ze niet goed kijkt, bedwelmd door de geur

van zijn spinnenparfum. Ze gaat door de poten
en pas na de paring loopt ze weg met het pakje.
Dat is leeg. De geur is een loze belofte. Mannenë
Remco Ekkers. Uit: De secretarisvogel schrijft. Alle diergedichten. Uitgeverij Kleine Uil, 2019.
Afgelopen zaterdag is dichter, schrijver, docent, recensent en onvermoeibaar poëziepromotor Remco Ekkers onverwacht op 79-jarige leeftijd gestorven in zijn woonplaats Zuidhorn. April 2021 verscheen zijn laatste bundel Hop over de sofa. Wat een verlies voor de poëzie.