Hommeltje, nu is het tijd om te slapen.
Overal kruipen de kleintjes in bed.
Net als hun mama’s, net als hun papa’s.
Lekker in bed, waar het warm is en zacht.
Net als ons katje, want nu is het nacht.
[…]
Astrid Lindgren. Uit: Alles gaat slapen want nu is het nacht. Tekeningen Marit Törnqvist, vertaling Bette Westera. Querido, 2019. 
Het wordt nacht, iedereen gaat slapen. Behalve één katje dat nog buiten door de velden en bossen loopt en overal wel een dier tegenkomt dat ook nog wakker is.

Sfeervoller en liever prentenboek om voor het slapengaan voor te lezen bestaat niet.
Elke pagina is een geschilderd wondertje van sfeer en kleur, met traditioneel kinderspeelgoed en onmiskenbaar Zweedse landschappen maar ook kinderen van kleur zonder dat dat nou speciaal opvalt.
Leeftijd 1+

‘O kijk,’ zegt Berend, ‘er is post. Een brief van Sinterklaas.’
‘Wat schrijft hij dan?’ vraagt Sam. Boer Boris zegt: ‘Hij schrijft: “Helaas,
helaas moet ik vertellen dat wij schrokken met zijn allen
toen hedenochtend vroeg mijn paard de trap af is gevallen.
Hij hinkt,” schrijft Sinterklaas, “met rust komt alles wel weer goed.
Maar hoe rijd ik op daken als het zonder schimmel moet?
Ik zoek met spoed een ander paard, een paard met sterke benen.
Ik vroeg me af, Boer Boris: mag ik Knol een weekje lenen?”

‘Maar Knol,’ roept Sam, ‘het arme beest,
is nog  nooit op een dak geweest!’

Het paard staat al te trappelen. Knol wil het graag proberen.
Op daken lopen voor de Sint! Wie wil dat nou  niet leren?
[…]
Ted van Lieshout & Philip Hopman (ill.). Uit: Boer Boris. Een paard voor Sinterklaas. Gottmer, 2019.
Terwijl het paard oefent voor zijn dakavontuur op een laag houten bouwwerk en de kippen er aanmoedigend omheen staan,  beklimmen de varkens ondertussen koe Clara. Dit is het dertiende Boer Borisboek en het plezier spat nog steeds van de pagina’s. Geen wonder dat deze prentenboekserie bij kleuters en peuters én hun ouders en verzorgers zo’n enorme hit is.
Alles klopt, de ritmisch rijmende teksten zonder flauwiteiten, de sfeervolle tekeningen boordevol grapjes en uiteraard met vaste ingrediënten als de muis en de merel op elke tekening, en natuurlijk boer Boris zelf in zijn blauwe overal met rode laarsjes samen met zijn broer Berend en zus Sam.
Er zijn inmiddels, behalve Boer Borisprentenboeken, Boer Borisvertel- en kleurplaten, Boer Borisluisterboeken, een Boer Borisbadboekje, wegggeefboekjes, een app, kartonboekjes en Boer Borishaakpatronen.
Er worden Boer Boristaarten gebakken, Boer Borisfeestjes gegeven en Boer Borisfiguren geknutseld. Boer Boris is de Jip en Janneke van nu.
De prentenboeken groeien geruisloos mee met de tijd. Pietjes zijn niet zwart, de kinderen op de tekeningen hebben elke denkbare huidskleur en meisjes en jongens kunnen allemaal even goed klussen, Berend timmert en Sam zaagt het oefendak voor Knol.
Het is vast niet de bedoeling maar zelfs deze volwassen schrijver kan haar lachen niet inhouden bij het lezen van dit boek. De plotwending is weer heerlijk onverwacht en in de tekeningen zitten zo veel grappen verstopt dat je humeur er onmiddellijk van opknapt, zoals bijvoorbeeld de lange rij hoefjes- en kippenpotenschoenen bij de haard voor een Sintcadeautje.
Boer Boris is gewoon voor iedereen.
Leeftijd: 2+

Thor gaat vissen
Thor had in Utgard zoveel gedronken dat het water van  de oceaan een stuk lager stond dan gebruikelijk; de zee waarin Loki’s gruwelijke slangenzoon kronkelde en glibberde en wachtte…
Maar al snel na zijn terugkeer in Asgard kreeg de dondergod opnieuw verschrikkelijke dorst.
Hij besloot daarom een bezoek te brengen aan de onderwaterburcht van de zeegod Aegir en zijn vrouw Ran. Zijn keel was zo uitgedroogd dat hij elke vorm van hoffelijkheid  achterwege liet, en  op barse toon maakte hij duidelijk waarvoor hij kwam.
‘We willen meer bier, Aegir,’ blafte hij. ‘Brouw het nú, en zorg dat het genoeg is.
[…]
Kevin Crossley-Holland. Uit: Noorse mythen over Odin, Thor en Loki. Vertaling Margaretha van Andel. Illustraties Jeffrey Alan Love. Lemniscaat, 2017.
Heerlijk verhalenboek voor iedereen die van spannende vertellingen over goden en reuzen, Vikingen, slangen en vermommingen houdt.
Maar dit boek biedt veel meer dan dat. Het geeft lezers een mooie  kijk in de oude Noorse mythes, die altijd veel minder bekend zijn dan verhalen uit de Griekse mythologie, maar zeker zo spannend en existentieel.
Ook Noorse goden en godinnen kennen jaloezie, wraakgevoelens, woede en passie. Hun leefwereld verschilt weinig van de onze, net als de Griekse godenwereld.
Levendige verhalen, prettig opgebouwd, toegankelijk en beeldend vertaald. De in donkere contouren getekende illustraties passen wonderwel bij de vertellingen en brengen je als lezer meteen in de juiste sfeer.
Leeftijd 8+

Denk maar niet
ik denk
niet aan een olifant
niet aan zijn slurf
zijn poten
niet aan zijn ruwe
grijze huid

ik denk
niet aan een olifant
ik denk
aan een trompet
aan een oude boom
en aan een koning
op zijn troon
die woont
in een heel ver land
hij knikt deftig naar de mensen
die staan te kijken langs de kant
de koning wuift ze toe
vanaf de rug
van een grote

NEE!
Miriam Bruijstens. Uit: Ik huppel naar je lach. Illustraties Iris Boter. Van Goor, 2019.
Herkenbare situaties in eenvoudige,  rijmende versjes over te veel nadenken, schaatsen, verstoppen of boos zijn. Het leven van alledag, geportretteerd met het hoofd van een kind van 7, 8, 9 jaar. Afwisselende tekeningen, sfeervol, dromerig of juist uitbundig.
Leeftijd 6+

 

 

Kindjes, kindjes, zet jullie rond mij.
Pyamaatjes aan, de knuffels erbij.
Tandjes gepoetst en pipi gedaan?
Gordijntjes toe, nachtlampje aan.

De volgende versjes over foute figuurtjes,
duiveltjes klein vol duiveltjeskuurtjes.
Vijf vreemde duivels vol duiveltjesgrillen,
zijn vaak dichterbij dan je zou willen.

We beginnen meteen met Duiveltje Een.
Dit klein rood geval, herken je meteen:
hij houdt zonder blozen van heel boze kindjes,
blazende, razende, heel slecht-gezindjes.

Van vuistjes die knijpen, van knarsende tandjes,
van stampende voetjes en kletsende handjes.
Van kindjes die brullen, die grommen of gillen,
die niet netjes vragen, maar moeten en willen.

Zelf heeft hij geen vriendjes, is altijd alleen.
Hij plaagt en hij pest en hij is heel gemeen.
Hij wil steeds de baas zijn, alles bevelen,
is vals en oneerlijk, zo mag je niet spelen.
[…]
Robin Aerts. Uit: Duivelsversjes. Illustraties Xavier Mariën. De Eenhoorn, 2019.
Duiveltjes die van kinderen houden die niks lusten, zich niet willen wassen en overal troep maken in de hoop dat je kinderen het tegenovergestelde gaan doen: dat leest lekker voor aan je kroost.
De boodschap in deze ritmische, strak rijmende versjes over vijf duiveltjes wordt er luidkeels ingewreven, met her en der al te nadrukkelijke rijmdwang: blijf rustig, eet veel groente, ruim je kamer op, was je goed met zeep en vooral: laat je niet bang maken.
Nogal braaf dus maar door het zingende karakter van de tekst stoort dat minder dan je zou denken. De schrijver is dan ook bassist van de Vlaamse rockgroep Het Zesde Metaal, zijn muzikale achtergrond sijpelt door in dit boek.
Ook de illustraties zijn flink rock & roll, met zichtbare invloeden uit de stripboeken- en popcultuur. De duiveltjes hebben lange tanden en horentjes, bijten en spuwen vuur in aardekleuren als rood, grijs, bruingeel en zwart.
Dit niet-lievige maar wel brave prentenboek is niet voor ieder kind maar voor sommigen vast heel geweldig.
Leeftijd5+

Zwart
Wit
Niets.
Is niets wit, als een vel papier waar nog niets op geschreven staat? Of is niets zwart, als alle lichten uit zijn en je geen hand voor ogen kunt zien?
Is niets misschien blauw, als een lege lucht zonder vogels, wolken en vliegtuigen erin? Nee. Niets is in ieder geval niet blauw. Dat weet ik zeker. De lucht is juist boordevol blauw. Dat zíé je!
[…]
Ted van Lieshout. Uit: Kleuren. Een tentoonstelling over kleur & kunst. Leopold, 2019.
Zeven jaar deed Ted van Lieshout er over om dit boek zo te maken als het nu is, vertelde hij niet lang geleden op de Amsterdamse Uitmarkt in De Grote Vriendelijke Podcast. In die zelfde feestelijke bijeenkomst kreeg hij te horen dat hij van de Griffel- en Penseeljury op 1 oktober 2019 de zeldzame Boekensleutel krijgt voor zijn boek Ze gaan er met je neus vandoor.

Kleuren is een heel ander boek. Minstens zo rijk. Geen gedichten of spel met letters en vorm, maar, nogal wiedes, veel kleuren met bijbehorende weetjes, verhalen en uitleg, in voor elke kleur een eigen hoofdstuk.
Ook al is een boek normaal gesproken geen tentoonstelling, dit boek is dat wel zeker. Het is tegelijkertijd ook een wandeling door de kunstgeschiedenis, een flardje kleurenleer, een vleugje natuurkunde, allemaal om de lezer op een begrijpelijke manier duidelijk te maken hoe dat precies zit met al die verschillende kleuren.
Spannende weetjes, verhalen en uitleg over hoe je kleuren maakt en waar ze vandaan komen.
Dat de regenboog alle kleuren heeft waaruit het licht bestaat. En hoe dat komt.
Dat kleuren door golven komen en een rode muts alleen rode lichtgolven terugkaatst en een blauwe broek alleen blauwe.
Wist je dat een bepaald blauw duurder is dan goud omdat het komt van lapis lazuli, een steen uit Afghaanse mijnen? En dat onze worteltjes oranje zijn omdat die werden gekweekt vanwege ons koningshuis en ze het wonnen van andere worteltjeskleuren?
En dat de kleur rood aanvankelijk van dode luizenschildjes kwam, waardoor die luizen bijna allemaal werden uitgemoord?
Dat het rood in de Nederlandse vlag eerst oranje was, maar omdat er geen kleurvaste oranje textielverf was, men uiteindelijk maar voor rood koos?

In elk hoofdstuk staan ook foto’s van schilderijen waarin de kleur van dat ene hoofdstuk extra opvalt zoals Rembrands beroemde huwelijksportretten van Marten en Oopjen, vanwege de manier waarop Rembrandt het diepzwarte zwart heeft geschilderd.
Hoe Vincent van Gogh geel en blauw tegenover elkaar zet in zijn schilderij  Het gele huis.
Dat in 1853 de achttienjarige Britse William Perkin in zijn zoektocht naar een medicijn tegen malaria ontdekt dat hij uit de zwarte roet van petroleumlampen de kleur mauvepaars kan maken.
En hoe komt de spijkerbroek eigenlijk aan zijn internationale naam ‘jeans’? En aan zijn kleur ‘denim blue’?

Van Lieshout vertelt met plezier en smaak, goed gedoseerd en geïnformeerd zoals we van hem gewend zijn, in prettig heldere taal. Wat een rijkdom, zo’n inventieve, originele en veelzijdige kunstenaar in ons midden.
Zouden er kinderen bestaan die al die leuke informatie in dit boek níet willen weten? Ik betwijfel het.
Leeftijd 7+

 

 

 

 

Zie je wel, ik pas erin,
maar die schoenen hebben geen zin.
Ze willen maar niet snappen
dat ik oefen voor reuzenstappen.

Spetter spatter spetter spat
mijn voetjes worden toch niet nat.
Dus zingen ze van ras, ras, ras,
twee laarsjes dansen in een plas.

[…]
Riet Wille. Uit: Van je ras, ras, ras twee voetjes in een plas. Illustraties Ingrid Godon, De Eenhoorn, 2019. 
Lief kartonnen peuterboekje met vierregelige rijmpjes over wat je allemaal aan je voeten zou kunnen doen. Zachte, kleurrijke en beeldende tekeningen, fijn voor deze doelgroep.
Leeftijd 2+

De dag kan beginnen
want Bobbie is jarig.
Ze heeft al een poosje
een wens met een staart…
Niet een hamster of kat.
Ook geen hond of een rat.
Nee, Bobbie weet: ik wil een paard.

Nu gaat het gebeuren,
ze krijgt haar cadeautje…
‘Om fijn op te rijden,’
zegt papa erbij.
Bobbie huppelt en springt,
doet een dansje en zingt.
‘O pap, mam! Een paard? Echt? Voor mij?’
Gideon Samson. Uit: Ik wil een paard. Tekeningen Milja Praagman. Gottmer, 2019.
Bovenstaande tekst lijkt heel alledaags, meisje wil een paard voor haar verjaardag, meisje krijgt een paard voor haar verjaardag.
Maar op de tekening springt Bobby níet op de rug van een paard.
Geestig spel met verwachtingen in dit boek. Peuters zullen zich verkneukelen over wat er allemaal kan met een cadeau en hoe Bobby uiteindelijk – natuurlijk – toch aan een paard komt. Prettige samenwerking tussen Zilveren Griffelwinnaar Gideon Samson en Zilveren Penseelwinnaar Milja Praagman.
Leeftijd: 2+

 

Vandaag wordt oma heel veel jaar.
Thomas heeft zijn cadeau al klaar.
Wat erin zit, is geheim.
Nu puzzelt hij op een verjaardagsrijm.

Hij oefent: ‘Hiep hiep hoera,
lang zal ze leven…’
Maar hé, wat ligt daar?
Wat gaan we nu beleven?

Wat rijmt er op stoep…?
Het is een tas vol…
SNOEP!
Het water loopt Thomas in de mond.
Maar o jee, wat doet die hond?
Harmen van Straaten. Uit: Wat rijmt er op stoep? Leopold, 2019.
Rijmend ritmisch verhaal over Thomas die onderweg is naar zijn jarige oma en onderweg van alles beleeft. Steeds als je denkt dat een schuttingwoord het enige mogelijke rijmwoord kan zijn, volgt er een onverwachte tekst.
Vrolijk, grappig taalspelverhaal waar kinderen met veel plezier hun eigen rijmwoorden aan toe zullen voegen en expressieve, kleurige tekeningen in de bekende Harmen van Straatenstijl.
Leeftijd: 2+

De zee
Het kan de zee niet schelen
of ik lach gehuld in zijde
of snik in een gescheurd rokje.

De zee
stroomt toe
en weer weg
blijft ademen
en razen
en bedaart weer
ondanks alles
wat ik de waterkant
toeschreeuw.

De zee luistert alleen naar zijn eigen stem
en niet naar het lawaai van degenen die hem
de wet willen voorschrijven.

Ik zou willen dat ik meer op de zee leek.
Sarah Crossan. Uit: Toffee. Kluitman, 2019.
Dit is de vierde verzenroman van deze Ierse, veelbekroonde schrijfster, en weer is het raak. In eenvoudige, korte teksten weet Crossan haar personages zo indringend tot leven te brengen dat ze heel dichtbij komen.
Allison, weggelopen van haar gewelddadige vader, zoekt beschutting in een, denkt ze, leegstaand huis. Dat huis is van de dementerende Marla die Allison aanziet voor haar jeugdvriendin Toffee. Allison weet niet waar ze anders heen moet en speelt het spel mee. Allengs komen de twee vrouwen dicht bij elkaar, zorgt Allison voor Marla. Maar Marla ook voor Allison.  Maar haar vader is op zoek naar Allison. En Marla vergeet steeds vaker wie ze is. Hoe redt Allison zich hier uit?
Het onderwerp lijkt niet meteen iets waarover een jongere zou willen lezen. Of een oudere. Toch neemt Crossan je mee in dit ontroerende verhaal, al is haar taal minder poëtisch dan in haar vorige boeken, het citaat hierboven is meteen het meest poëtische stukje van het hele boek. Of ligt het wellicht aan de vertaling, die hier en daar gortdroge teksten?
Leeftijd: 12+