Zo raar

Zoete lieve stekelbes,
ik lust je supergraag.
Je smaakt verrukkelijk, alleen
jouw struiken prikken zo gemeen.
Die houden jou gevangen.

Zoete lieve stekelbes,
ik heb een vreemde vraag.
Wil je in het nieuwe jaar,
speciaal voor mij
– een keertje maar –
in onze appelboom gaan hangen?

Inger Hagerup. Uit: Zo raar. Vertaald door Bette Westera. Illustraties Paul René Gauguin. Gottmer, 2018.
De vrolijke, fantasierijke zingzang gedichten van Inger Hagerup (1905-1985), zeg maar de Noorse Annie M. G. Schmidt, zijn eindelijk vertaald in het Nederlands. Niemand minder dan Bette Westera, meervoudig prijswinnaar voor haar eigen jeugdpöezie, liedjes en versjes, tekende hiervoor.
Westera  is in Nederland eveneens bekend van haar vertalingen van Dr. Seuss, die, leuke bijkomstigheid, door Hagerup in het Noors werd vertaald. Veel van Hagerups gedichten uit ‘Så rart’ zijn tot liedjes gemaakt en worden nog steeds gezongen op Noorse scholen en creches.
Dit boek is een verzamelbundel van drie van Hagerups poëziebundels.  De gedichten gaan over de ongevaarlijk ogende maar pinnige egel ‘die ruige ragebollenboos, dat wandelende speldenkussen’, over een bloeiende erwt met in het geheim vijf kleine erwtjes in haar buik. Een door muizen aangevreten appelboompje dat maar niet dood wenst te gaan en over schoenlapper Lasse uit Kennemerland, ‘ Huisje ‘ Maak dat je wegkomt’  en Huisje ‘Fijn je te zien’ naast elkaar in dezelfde straat.
De gekkige invallen, het evidente taalplezier, en ritme, metrum en rijm zorgen voor heerlijk soepele, muzikale teksten. De sfeervolle vintage illustraties van René Paul Gauguin, inderdaad een kleinzoon van de beroemde schilder, vormen een sterk geheel met de gedichten.
Leeftijd: 3+ – 103.

Valentijn

1, 2, 3, 4, 5, 6, 7
wie mag ik een kusje geven?

‘t Is Valentijn, ‘t is Valentijn,
wie wil er mijn liefje zijn?
Een jongen of een meisje,
slagroom op je ijsje.
Krenten in de bessenpap,
hou me vast ik lach me slap.
Wat een grap, wat een mop,
de datum heeft een hoedje op.
Een hoedje met een veertje,
een appel en een peertje,
daar gaan we nog een keertje.

1, 2, 3, 4, 5, 6, 7
wie mag ik een kusje geven?

Koos Meinderts. Uit: De Liedjesalmanak, herfst & winter. Tekeningen Annette Fienieg. Rubinstein, 2013. Liedje geschreven op muziek van Thijs Borsten.

De lucht zo grijs als haring

Kuil graven
In de zandbak
Wel 60 meter diep
Water erin
Dan 2 blauwe vinvissen
Past net

Sem Taal, 6 jaar, groep 3. Uit: De lucht zo grijs als haring. De mooiste gedichten van Kinderen en Poëzie 2016-2017. Illustraties Academie Minerva, 2017.
Elk jaar weer sturen kinderen geweldige gedichten op naar de jaarlijkse gedichtenwedstrijd van Kinderen en Poëzie.
De mooiste 100 komen in een speciaal boek en een vakjury en een kinderjury kiezen daaruit de beste gedichten.
Het gedicht van Sem hierboven is het winnende gedicht voor de middenbouw.
Er staat sowieso veel prachtigs in deze bundel. Kinderen schrijven over weeshuizen en over voetbal, een rotdag op school, opa’s en oma’s, verliefd zijn en magische handen. Over alles wat ze bezig houdt en waar ze zich zorgen over maken. Studenten van de Minerva-academie in Groningen maakten er tekeningen bij.